Regelmatig vindt u via deze pagina een koilum geschreven door Joop "Ginrin" van Tol.
Door middel van zijn scherpe, analytische en soms ietwat 'sarcastische" blik op koi gerelateerde zaken weet Joop ons al jaren te boeien in de Koi. Hèt toonaangevende magazine in de Nederlandse koi wereld.
Vergeet dus niet regelmatig op deze plaats de nieuwe koilum te lezen.
Lang leve de beschaving. We hoeven al lang niet meer voor dag en dauw het oerwoud in om klein wild te verschalken, zodat we onze stam van de broodnodige calorieën kunnen voorzien om de koppen van de naburige stam in te slaan. Sterker nog, al doe je de hele dag geen reet, van de honger zul je hier niet omkomen. Prachtig hoor, die verzorgingsstaat. Maar mensen, alsjeblieft, ga nou niet lijp lopen doen als je van gekkigheid niet meer weet hoe je de dag moet doorkomen.
Laatst zag ik op tv een groenteknuffelaar die contact zocht met een knolraap van het type “eigen kweek op macrobiotisch stuk somber land”. De knolraap bleek significant gelukkiger dan zijn halfbroertje, een met bestrijdingsmiddelen getergde winterpeen uit de bio-industrie. Ik heb de tv uitgezet toen de man een woedend relaas begon, omdat hij recent nog een genetisch gemanipuleerde sojaboon had gesproken, met een identiteitscrisis. Ga nou ook niet doelloos klodders verf op een stuk canvas lopen Antonheyboeren, onder het mom van moderne “kunst” en ga er al helemaal geen vaag verhaal bij verzinnen over hoe die gele klodder verf, gedwongen door de zwaartekracht, op een pad vol blauwrode obstakels zijn weg van boven naar beneden probeert te navigeren.
In een winkel zag ik een houten doosje met een schakelaartje. Wanneer je het schakelaartje aan zette, ging het doosje open, kwam er een stokje tevoorschijn en duwde dat stokje het schakelaartje weer uit. Vervolgens ging het doosje weer dicht. Verder kon het “apparaat” niets. Welke idioot heeft dat onder het noteren van kentekens, van door zijn straat rijdende auto’s, zitten bedenken? Er is een App waarbij het de bedoeling is, dat je zo lang mogelijk een knopje ingedrukt houdt. Je tijd wordt minutieus bijgehouden, maar je schiet er verder geen flikker mee op. Stop met het folkloristisch beplakken van schoenendozen met theezaklabeltjes. Nokken nou met het bestempelen van kersttafelkleden met een uitgesneden aardappel. Niemand zit op uw getamponneerde, van gerecycled cadeaupapier gevouwen origami onderzetters te wachten. Kap nâh met dat geblinddoekt met je voeten haken van oubollige spreuken op een washandje.
Stop die waanzin! Nu!
De tweede week, voorafgaand aan het derde weekend van augustus kunt u uw tijd in elk geval nuttig besteden. Opeens weet u het; u wordt vrijwilliger op de Holland Koi Show.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 55 - Addicted
Koiverslaafd noemt men me. Met niets anders bezig. Onzin denk ik dan, er is meer in het leven dan koi en ik neem ruimschoots deel aan andere aspecten van het koiciale leven. Zo kan ik enorm genieten van tennis sinds legendes als Andre Asagi en Boris Bekko op het veld stonden.
Of luisteren naar een oud plaatje van jaren 80 punkster Nina Hagenshiro. Ook voederbalwedstrijden onder leiding van Ronald Koemanryu, Frans Bekkobauwer of Phillip Cohacu met spelers als Ronaldoitsu, Aron Winterkap, Dirk Kuitschieten en vroeger Simon Tateshita kunnen me bekoren. Daarnaast ben ik een vervend liefhebber van koimische films als “A koi called Wanda” en “When Harry met Sanke”.
Lekker onderuit met een coilaatje en een zak shimmies. Maar ook Sciencefiction als “Back to the Fukurin” of “KoiTrek” kijk ik graag. Programma’s als de TV-Showa op reis van Ivo Nisai zien niet voor me weggelegd, maar voor een natuurfilm over de Galapagoshiki-eilanden kun je me wakker maken. Dus om nu te zeggen dat ik verslaafd ben…NEE.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 54 - Zeurpieten
Wat een zinloze discussies weer de laatste maanden. Stond u er als kind bij stil dat wij Surinamers discrimineerden door ons Sinterklaasfeest? Nee toch? Wat wil men nu, dat Sinterklaas de volgende keer een zooitje Bulgaren meeneemt? Goede kans dat u een lege zak heeft in plaats van een volle. Welke kleur moeten we Piet dan geven? Geen? Andere helft allochtone bevolking boos. Geel? Chinezen boos. Blauw? Smurfen boos. Grijs? Bejaarden boos.
Als we niet oppassen staat er straks een zooitje diabeten op het malieveld te roepen dat het afgelopen moet zijn met het suikerfeest, willen vrouwen in Saoedi Arabië ook ineens autorijden, voelen de hetero’s zich achtergesteld omdat ze niet op een bootje door de Amsterdamse gracht mogen met de “straight pride”, wordt de toch al zeldzame witte kerst helemaal afgeschaft en wil Obama dat zijn telefoongesprekken ook afgeluisterd worden. Tolerantie moet van twee kanten komen.
De man die nota bene 25 jaar Sinterklaas heeft gespeeld op de Nederlandse televisie zat in de Late Night show van Humbarto Tan te oreren dat we Zwarte Piet maar moesten afschaffen. Overigens vond ik het moeilijk om me tijdens die uitzending Humberto zonder grote veer op zijn hoofd voor te stellen, iets dat vóór deze discussie nooit in me zou zijn opgekomen, maar dat terzijde. Het meest trieste vond ik nog wel de vooroordelen van mevrouw Shepherd, mensenrechtenonderzoeker bij de Verenigde Naties, die de associatie met de slavernij durfde te maken. Volgens mij behoor je als onderzoeker een neutrale instelling te hebben voor je aan een “onderzoek” begint.
Van enige objectiviteit kan bij voorbaat geen sprake zijn. CTRL ALT DELETE PIET is haar enige doel en dat goedheiligt blijkbaar alle middelen. Je durft toch geen magoi meer in je vijver te houden? Wat een geluk dat de Japanners niet zo chauvinistisch en kortzichtig zijn als wij en de koi gewoon in alle kleuren en maten over onze grenzen sturen. Zou Sinterklaas een voorbeeld aan moeten nemen. Wat zeg ik, afschaffen dat wandelende Perzische tapijt en een Japanse Klaas introduceren! Sinterkase en Shinoda Piet, dat went heus snel!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 53 - Live life to the max!
Als de dag van gisteren herinner ik me nog de eerste keer dat ik de valleien van Niigata binnenreed, nu alweer jaren geleden. Ik ben verre van sentimenteel, maar dit was één van de zeldzame momenten dat ik een brok in mijn keel kreeg. Je wordt overmand door een gelukzalig maar onverklaarbaar gevoel. Vele jaren lang droomde je weg bij de plaatjes van mudponds en rijstvelden en eindelijk ben je daar dan zelf. Het was een gevoel dat ik totaal niet had zien aankomen.
Het gekke is, dat ik mijn eerste reis naar Japan lang heb uitgesteld. Het trok me niet zo. Inmiddels voelt het als mijn tweede thuis. Ik ben gek op Azië en heb daar vele landen bezocht, maar had bij Japan het gevoel dat het allemaal wat té gecultiveerd en te goed geregeld was. Juist het ongeorganiseerde, het niet weten waar je aan toe bent, het grote onbekende en het “gebrek” aan regels vind ik het aantrekkelijke van (veel) Aziatische landen. Eigenlijk de totaal omgekeerde wereld van het Westerse dagelijks bestaan.
Ik ben best een control freak, met een aan autisme grenzende neiging naar structuur. Als bedrijfseconoom en hoofdredacteur zijn dat bruikbare eigenschappen. In Azië zit dat je alleen maar in de weg. Gelukkig kan ik het efficiënt plannen al binnen een dag na aankomst in een Aziatisch land volledig naast me neerleggen, hoewel het wel enkele reizen heeft geduurd voordat dat trucje volledig beheerste. De kunst is om je als het ware over te geven aan de grillen van dat land. Dit stelt je in staat om je vrij snel aan te passen aan een nieuwe omgeving. Keren op de snelweg na het missen van een afslag? Geen probleem. Alles eten met poten, behalve de tafel? Prima. Ja zeggen, maar nee bedoelen? Ja! Slechts één doel moet je voor ogen houden en dat is het op tijd op het vliegveld zijn voor de terugvlucht.
De rest laat ik over me heenkomen zonder een enkele illusie dat de gemaakte afspraken aldaar zullen worden nagekomen. Op die manier zijn er nooit teleurstellingen. Wel véél verassingen! Ik ben geen psycholoog, maar ik denk dat ik dat af en toe nodig heb als compensatie voor het overgestructureerde leven hier. Terug in Nederland, ebt dat vrije gevoel helaas binnen no-time weer weg, doordat je weer snel in de waan van alledag verzandt. Wat resteert is een enkele dagen durende kater. Daar leef je met de dag, hier leef je vooral voor morgen. Toch probeer ik de “Aziatische gedachte” ook hier in Nederland toe te passen en dat lukt beetje bij beetje. Harry Jekkers omschreef wat ik wil zeggen heel treffend in zijn liedje “Later is al lang begonnen”;
“Maar ergens halverwege kijk je om en krijg je spijt. Levend voor morgen, raak je nu je toekomst kwijt. Dan ben je in de boot genomen door de Zilvervloot, want sparend voor later, ga je straks ook sparend dood. Later is al lang begonnen en vandaag komt nóóóit meer terug”
Voor je het weet lig je onder een lawine. Natuurlijk is het belangrijk om te plannen en aan morgen te denken, maar vergeet vooral ook niet om vandaag te leven, want vandaag….komt nóóit meer terug!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 52 - Onderzoek van den kouden grond
De N.V.N. heeft een duur onderzoek laten uitvoeren van uw lidmaatschapsgeld. Een batterij aan wetenschappers onder leiding van Diederik Stapel heeft het volgende geconcludeerd:
“Onderzoek toont aan, dat het aantal verkochte koi in Nederland terug loopt”.
De belangrijkste reacties op dit onderzoek vindt u hieronder. Uw geld blijkt weer goed besteed!
De pessimist: “De koihype is over.” De dealer: “De economische crisis is de oorzaak.” De KVA: “Dat komt omdat wij steeds meer vissenlevens redden.” De hobbyist: “Vind je het gek met de huidige prijzen?” De meteoroloog: “De lange winters zijn hier debet aan.” De junk: “Ik kan m’n geld wel beter gebruiken.” Maurice de Hond: “Ik heb dit niet onderzocht, dus misschien klopt het wel.” Mark Rutte: “Komt allemaal goed.” De Rijksvoorlichtingsdienst: “Geen commentaar.” De enige echte Léontine: “Mag ik een klinker kopen?” Bill Clinton: “I did not have s…seen that coming.” Saeed Al-Sahaf : “It’s not true, American cowards want you to believe!” Johan Cruijff: “Als je een auto koopt, ken je in principe geen koi kopen, da’s logisch.” De filosoof: “Het seizoen van mislukkingen is de beste tijd om de zaden van succes te zaaien.” Marianne Timmer: “Lekker puh!” De dief: “Kopen, wah is dah?” Blondine 1: “Als de koi steeds terugloopt, kun je ze toch nog een keer verkopen?” Blondine 2: “Wie is Onderzoek?” Kim Holland: “Wanneer wordt ík eens onderzocht?” Martin Luther King: “I have a dream, but that does not involve koi.” Klazien uut Zalk: “Eet op oneven dagen drie paardenbloemen en het gaat vanzelf over.” Ad Jacobs: “Valium is de oplossing. De verkopen verbeteren niet, maar dat interesseert je na inname geen reet meer.” De pedofilatomaan: “Kinderpostzegels in de brand steken is óók een dure hobby.” De onderzoekers zelf: “Als we wisten wat we deden….heette het geen onderzoek.”
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 51 - Preview KOI 2963 (uploadtijd 0,3 µs)
Het is altijd een race tegen de standaard melkwegtijd om KOI-Bwave op tijd te mindgolven. Veel auteurs stellen hun definitieve brainwave uit tot het laatste moment, waardoor er weinig tijd overblijft om deze in een éénduidige mindset te denken en tijdig het neuron in te gooien. Soms ben ik daar rond de deadline nog tot ver na het printen van de derdedagsmaaltijd mee bezig. Gelukkig krijgen we vele positieve waves terug als we er weer in geslaagd zijn een hoogwaardige KOI te lanceren.
Aan het antidateren van de wave, zodat u hem eerder ontvangt dan dat hij klaar is, kleven op dit moment nog teveel paradoxale risico’s. In deze blimp (uploadtijd bij standaard hersenschors 14 µs) een leuk item over het zoölogisch museum, waar men nog beschikt over een (weliswaar opgezette) karper van echt vis en bloed. Het is nauwelijks voor te stellen dat onze hobby ooit niet gevirtualiseerd was. Men hield de organische nishikigoi tot ongeveer halverwege de 22e eeuw in echt H2O, iets dat anno 2491 natuurlijk onbetaalbaar zou zijn (ter illustratie, men betaalde toen voor 1.000 liter H2O slechts drie oostelijke melkwegkredieten).
Verder een item over bug#as#14-shole-03187. Dit hardnekkige probleem lijkt met de laatste update naar iOS2977.4 eindelijk opgelost, waardoor het Ki op de linkerschouder van de kakikirenabukkaki de juiste kleurpigmentatie heeft gekregen. Uiteraard wordt uitgebreid aandacht besteed aan de 452e VZNA show op Plufox041 (deze show kan tot 2491_114 SMWT worden bezocht via VR-hub^tmd11#12_452 , toegangsfee 99 OMK). Verder natuurlijk de standaarditems als de mindblower en vindesign
Blimpscale is door ComISO24 vastgesteld op een hersenbeloningsentiteit van 13 (!) nuclacs. Bij bestelling van deze blimp via #replynowwave wordt 42 OMK van uw ConsCred afgeschreven. Met medewerking van 4Ddesignyourownkoi.omw
Joop “GinRin” van Tol (kloon7)
Koilum 50 - Makkers staakt uw wild geraas…
Na afloop van een jaar wordt via een uitgebreide internetverkiezing het “woord van het jaar” gekozen. Wanneer ik de woorden van de afgelopen jaren analyseer, word ik niet vrolijk. 2007 met “bokitoproof” en 2008 met “swaffelen” waren nog redelijk onschuldig. In 2009 werd met “ontvrienden” echter een negatieve trend ingezet. In 2010 werd de onmacht van de overheid op het toenemende geweld benadrukt door het winnende woord “gedoogregering”. In 2011 won het woord “tuigdorp”, een plan om veelplegers met z’n allen naar een containerdorp te deporteren. In 2012 was dit “Project X”, refererend naar de wanvertoning in Haren.
Filosofisch zou ik bijna de conclusie trekken dat het woord van het jaar een afspiegeling is van een zich verhardende maatschappij. Ik weet namelijk het woord van het jaar 2013 al. Dit wordt ongetwijfeld “kopschopper”, refererend naar de schandalige mishandeling door een stel debielen in Eindhoven. Ik heb werkelijk walgend naar die beelden zitten kijken. Ik ben geen voorstander van eigen rechter spelen, maar je zou die gasten toch direct ontvrienden, opsluiten in een containerdorp en het gedogen dat ze door Bokito eens flink in hun project-x worden geswaffeld?
In een eerder Koilumn had ik al eens geconcludeerd dat beschaving maar een héél dun schilletje is en de (westerse) mens het vierendelen, kielhalen en de rektafel nog maar net is ontgroeid. Babyboomers leggen de schuld bij de sociale media (of zou asociale media de lading hier beter dekken?) Zelf betwijfel ik dat, hoewel het af en toe wel héél ver gaat met beschuldigingen als gevolg van vage geruchten, ophitsing en kortzichtige conclusies, waarbij niet meer de tijd en moeite wordt genomen om je te verdiepen in de achtergronden en gedachte van een ander. De eerste facebookmoord is al een feit, de eerste twittertwist met dodelijke afloop een kwestie van tijd.
Wat hebben wij dan eigenlijk nog een redelijk geweldloze hobby. Ik zie al dat groepen aanhangers van potentiële Grand Champion kandidaten elkaar op de Holland Koi Show te lijf gaan met de inhoud van wondbehandelingssetjes. Zo gek zal het toch niet worden?
Zullen we afspreken dat het woord van het jaar 2014 fleuremi, petoetje of poezewoefke wordt?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 49 - Bureaucraatje leef je nog, the sequel.
Mischa heeft voor zijn werk een Japans rijbewijs nodig. Het oude is verlopen en samen met Paul, regelneef pur sang, rijden we naar het equivalent van het Nederlandse “CBR” in Nagaoka. Paul had me als ingeseind dat dit lachen zou worden. Mischa had het bureaucratische gedoe met die parkeerboete nog vers in zijn geheugen, maar Paul heeft hem verzekerd dat dit slechts een formaliteit is die hooguit een kwartiertje zal duren. Niets blijkt minder waar.
Wanneer Mischa aan de beurt is loopt Paul mee naar de balie om hem te helpen met het nodige papierwerk. Mischa spreekt dan wel Japans, lezen is er niet bij. Dit duurt, zoals al het administratieve werk in Japan, erg lang. Ik schat dat er een kleine honderd formulieren moeten worden ingevuld. Op een gegeven moment komt er een dame aanlopen om Mischa op te halen. “Have fun”, zegt Paul en laat Mischa verbouwereerd achter, “we’re gonna have lunch at your favourite restaurant”, roept hij er plagerig achteraan en sleept mij mee naar buiten. Op weg naar het restaurant vertelt hij dat Mischa de nodige video’s moet bekijken over verantwoord rijden in Japan en daarna een kort examen mag afleggen. We verkneukelen ons hierover, tijdens een heerlijke lunch met grote gebakken garnalen in een heerlijk krokant jasje.
Na de lunch bezoeken we Kase, een kweker waar Paul me wat vissen voor een auction wil laten zien en die een nieuwe kweek heeft opgezet (Goshiki Showa x Asagi), dat een aantal hele aparte nakomelingen heeft opgeleverd, waar we erg nieuwsgierig naar zijn. We laten ons uitgebreid informeren over het reilen en zeilen van de farm, terwijl we berichtjes ontvangen van Mischa die gigantisch zit te balen omdat hij twee keer anderhalf uur onbegrijpelijke video's moet kijken. Uiteraard steken we hem een hart onder de riem met antwoorden als: “Nu even niet Mischa, we zitten te eten” en “Ja, wij hebben het ook zwaar, het bier bij Kase is erg koud.”
Op ons gemak rijden we, vier uur later terug naar het Japanse rijvaardigheidsbureau en zijn er nog net getuige van dat een hevig buigende medewerker het felbegeerde papiertje aan Mischa overhandigt. In de auto terug naar huis leer ik wederom een heleboel nieuwe scheldwoorden.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 48 - Bureaucraatje leef je nog?
Japan is een modern, geciviliseerd land. Goed, de Japanners houden er wat vreemde ideeën op na qua humor en krankzinnige televisieprogramma’s, maar verder zijn ze de rest van Azië wel een stap voor op de evolutieladder. Uiterste beleefdheid en respect voor gezag zijn een groot goed. Tijdens mijn recente Japanreis heb ik hier de keerzijde van ontdekt. Beleefdheid en respect voor de overheid leidt namelijk tot enorme bureaucratie.
Mijn maat Mischa had een bon gekregen voor fout parkeren. Op de bekeuring stond: “betalen voor: 24-11-12”. Op 16 november rijden we even langs het postkantoor om te betalen (simpelweg overmaken is niet mogelijk). “U bent te laat en kunt nu niet betalen”, zegt de dienstdoende dame, na anderhalf uur wachten met maar twee klanten voor ons. Wat blijkt? Er moest betaald worden vóór 12 november van het 24e jaar van de keizer en niet vóór 24 november van het jaar 2012 zoals wij dachten!
We worden doorverwezen naar het lokale politiebureau van Ojiya. We zijn direct aan de beurt, leggen de situatie uit en kijken toe hoe een man of zes zich over “ons” probleem buigt. Blijkbaar zijn we de eerste uit de geschiedenis die te laat een bekeuring betalen. Na een goed half uur zijn ze eruit. We moeten naar het hoofdkantoor in Nagaoka, 25 kilometer verderop, om een nieuwe bon te halen. Mischa wordt steeds kwader, maar kijkt wel uit dat te laten blijken aan de bureaucraten der politie.
In de auto op weg naar Nagaoka spuwt hij zijn gal en leer ik veel nieuwe scheldwoorden. Terwijl hij steeds kwader wordt, moet ik steeds harder lachen. Leedvermaak is iets dat ik snel heb opgepikt in dit land. In Nagaoka krijgen we vrij snel (voor Japanse begrippen) een nieuwe bon en spoeden ons naar het postkantoor in Ojiya, dat net voor onze neus de deuren sluit. De volgende dag kan eindelijk betaald worden. In totaal zijn we zes uur zoet geweest met dit grapje.
Wanneer ik thuis kom liggen er twee bekeuringen van 227 euro elk op me te wachten. God straft onmiddellijk, dat blijkt maar weer. Gelukkig “mag” ik de centen gewoon overmaken naar onze vrienden van het CJIB.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 47 - “Ode aan de Koi” ballade
Wat is dat toch dat ons doet smelten als we een mooie koi zien? Is het de gracieuze manier waarop de vis door het water zweeft? De prachtige torpedovorm die nauwelijks hinder lijkt te ondervinden van waterweerstand?
Het ogenschijnlijke gemak om meters te maken met een argeloze en nauwelijks zichtbare staartbeweging? De sympathieke, bijna koddige kop waarachter veel meer intelligentie lijkt schuil te gaan dan er daadwerkelijk aanwezig is? De ogen die je aankijken die en een bijna grenzeloos verlangen naar een korreltje voer uitstralen?
De sympathie die de vis uitstraalt zonder dat er maar een sprankje kwaad te bespeuren is? De knallende kleuren die met geen penseel te evenaren zijn? Het patroon, dat er met een overvloed aan verf dik bovenop lijkt te liggen en waarbij een willekeur van tekeningen prachtig samenkomen in een schitterend schouwspel, dat je zelf nooit zou kunnen bedenken? Het symmetrische, zonder dat er daadwerkelijk sprake is van symmetrie? Dat nèt niet perfecte, dat de koi nu juist perfectie geeft? De uiterst kleine nuances die het verschil maken, zonder dat we ze kunnen benoemen? Het ongrijpbare dat alleen een koiliefhebber begrijpt?
Wij koihobbyisten moeten wel extreem intelligent zijn om dàt allemaal te doorzien en te begrijpen. Ware koikunst is blijkbaar alleen weggelegd voor “the happy few”, zo als u en ik. We worden door de non-believers vaak met een scheef oog aangekeken. Bedenk dan dat dit hun tekortkoming is, niet de onze. Losers!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 46 - Voetje van de vloer
Laatst werd ik tijdens een KVA bezoek even met beide beentjes op de grond gezet. De man in kwestie begon zich, direct nadat ik binnenkwam, te verontschuldigen over de kwaliteit van zijn vissen. Ik pareerde dit door direct te zeggen dat ik elke karper mooi vind en me dat niets uitmaakte.
Toch begon het aan me te knagen. We beoordelen en vooral veroordelen op fora, koishows en in de bladen (waarop KOI magazine beslist geen uitzondering is), vissen op uiterlijke kenmerken. Ik heb nog nooit de drie lelijkste (sorry, minst mooie) vissen van een show in een blad afgedrukt zien staan. Of de drie tamste. Of de drie aandoenlijkste. De emotionele waarde van een koi is gewoon niet in geld uit te drukken. Waarom zou de man in kwestie minder blij of minder trots mogen zijn op zijn koi dan iemand die de financiële middelen heeft om wel die “showtechnisch” goede vissen te kopen? Het feit dat hij zich verontschuldigt, geeft wel aan dat dit in zijn achterhoofd speelt en ik ben daar mede schuldig aan. Dat zit me niet lekker.
Nu is het wel zo, dat ik iemand die hulp inschakelt voor misschien wel meer geld dan hij oorspronkelijk voor de vis in kwestie heeft betaald, bij mij meer respect afdwingt dan iemand die een dure vis laat creperen omdat geld toch geen rol speelt en voor wie een koi vooral een statussymbool is. Maar wat heeft de man in kwestie eraan, wat zich in mijn hoofd afspeelt? Dat blijkt natuurlijk zeker niet uit de artikelen die je schrijft en waarin je de mooiste en grootste vissen de hemel in prijst.
Zelf ben ik door jarenlang in de hobby actief te zijn erg kritisch geworden. In een koibijbel heb ik wel eens geroepen; “wat ik mooi vind, kan ik niet betalen”. Nu is dat niet helemaal waar, maar in feite zou het een trieste constatering zijn, wanneer je jezelf realiseert dat je in je hobby het punt hebt bereikt waarop je niet meer tevreden gesteld kunt worden. Een punt waarop je eigenlijk uitgeëvolueerd bent, of de financiële middelen niet hebt om verder te gaan. Mag ik u, als u dat punt dreigt te bereiken, van harte een reis naar Nood India aanraden? Armoede troef en toch over het algemeen tevreden en gelukkige mensen. Tevreden zijn met wat je hebt (en in Nederland is dat doorgaans veel) en je niet blindstaren op een ander.
Nu ben ik wel heel ernstig de moraalridder aan het uithangen, maar in feite is het heel simpel. Het gaat er in deze hobby om, dat je hier een bepaalde mate van voldoening uithaalt. Zolang dit niet ten koste gaat van het welzijn van het dier bent u wat mij betreft vrij om dat op welke manier dan ook te bereiken. Al zijn uw vissen zo krom als een hoepel, half blind en grauw-roze van kleur. Het zijn nog altijd uw geliefde grauwroze, kromme, blinde vissen. Uw trots en uw plezier! Daar gaat het om! Dat we daarnaast staan te kwijlen bij de Chrand Champion op een show staat daar los van.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 44 - This is China man!
China is een land dat ik nooit zal gaan begrijpen. Ik ben in heel wat landen geweest en het lukt me meestal redelijk om de plaatselijke cultuur te doorgronden. Dit helpt je in het begrijpen van het gedrag en de beweegredenen van de lokale bevolking en je leert je snel aanpassen.
In China ligt dat totaal anders. Onder de mannen die meegingen naar China om twee koishows te bezoeken en jureren is de opmerking “This is China man!” dan ook gemeengoed geworden.
We gebruiken het te pas en te onpas, ook buiten China, voor alle zaken die raar op ons overkomen. Het begint al bij het aanvragen van mijn visum. Boven mijn uitnodiging uit China, nodig om het proces te versnellen, staat heel amicaal “To Joop”. Daar begrijpen ze op de ambassade niets van. We ale missing an l on your name, youl passpolt says Tol, not To”. “Ah so To is youl Filst name sil? It says Johannes on your passpolt”. Na een uitleg van een half uur begrijpen ze het (of denken; “het zal wel”).
In China zelf worden we als vorsten behandeld. Wanneer we op een gegeven moment ergens op een terras eten willen bestellen, maar niemand Engels spreekt, wordt een telefoontje gepleegd en komt even later een taxi aanrijden met een Engelstalige (nou ja…) man erin om de bestelling op te nemen. Na een uitgebreid diner voor twee en een zestal pullen bier bedraagt de schade zeven euro. Fooi geven is “not done”, dit schijnt een belediging te zijn, ondanks dat de meeste Chinezen geen nagel hebben om de kont te krabben. Het eten is prima, je leert vanzelf de boerende en slurpende Chinezen om je heen te negeren.
De service staat in schril contrast met de omgangsnormen van de Chinezen onderling. Tot onze verbijstering rijdt iedereen met een boog om een aangereden dame heen, waarvan haar scooter in 100 stukken is gereden en die zelf versuft op de stoeprand zit. Wij zitten in een bus en kunnen niets doen. Later begrijpen we dat degene die zo iemand onder zijn hoede neemt, de ziekenhuisrekening gepresenteerd krijgt. Het verkeer is een chaos, onze gids een gevaar op de weg, maar daarmee geen uitzondering. Achteruitrijden of keren op de snelweg is normaal als je een afslag mist. Er is slechts één verkeersregel, wie het hardst kan toeteren heeft voorrang.
Afspraken maken is godsonmogelijk. We willen gaan kijken in een fabriek waar pins en borduurwerk worden gemaakt voor onze vereniging. We halen jullie om half vier in de middag op zegt onze gids. Wij vinden dat een rare tijd, maar de gids verzekert ons dat de fabriek dan pas opengaat. “Waarom?” vragen stellen hebben we in twee weken China wel afgeleerd, dus we vinden het best. Om half één staat de gids doodleuk voor onze neus. We twijfelen aan ons eigen verstand. Op dat moment loopt een dame voorbij met knalgele fluoriderende laarsjes. “Look at the chick with the yellow boots”, grapt Hans. De gids werpt een blik die kant op en zegt ijskoud “green boots”.
Het meest bizarre is als ons geld plotseling overal wordt geweigerd. Het blijkt vals te zijn, terwijl we het de dag ervoor in een bank (!) uit de geldautomaat hebben getrokken! Na drie uur politiebureau en bemiddeling bij de bank in kwestie lukt het de gids om het geld om te ruilen. Eén vals briefje van 100 RMB (10 euro) heb ik gehouden en koester ik als herinnering. Onze conclusie na drie weken China: Ja is nee, nee bestaat niet, afspraak = wassen neus, geel is groen en groen is ook groen. This is China man!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 43 - Trends
Ook onze hobby is onderhevig aan trends. Persoonlijk haat ik trends. Ik vind het een inbreuk op mijn vrijheid.
Eén of andere debiel bedenkt iets, verzamelt een paar discipelen om zich heen, die op hun beurt weer een aantal volgers mobiliseren en een nieuwe trend is geboren. Vervolgens mag ik dan bepaalde dingen, die ik eerst moest, ineens niet meer.
Vooral op het gebied van kleding is dat verschrikkelijk. Ik kan me nog goed herinneren dat mijn vriendin me “verbood” een spijkerbroek met “strakke pijpen” te kopen. Jaren droeg ik die dingen en ineens liep je er finaal mee voor schut. Van de één op andere dag! What’s next? Mag ik straks ook geen witte sportsokken meer aan in mijn sandalen of zo? Nee, ik moet er niets van hebben. De één noemt het mode, ik noem het kuddediergedrag.
Trendvolgers zijn papegaaien, re-tweeters pur sang. Zo is het en niet anders. Ik overweeg wel eens om mijn haar weer te laten groeien, zoals dat in de roerige zeventiger jaren helemaal niet raar was. Gewoon lekker tegen de stroming in. Swaffelen was een geinige trend, maar het hedendaagse planking is werkelijk krankzinnig. Degene die zich daarmee bezig houden, zouden ze in dezelfde positie twee meter onder de grond moeten stoppen. Zes plankings eromheen, om in dezelfde terminologie te blijven, en nooit meer over lullen.
U weet niet wat Planking is? Dan bent u een gezegend mens. Niet in Wikipedia op gaan zoeken, maar lekker zo laten. Weet u wat helemaal verschrikkelijk is? Wanneer ze in de supermarkt ineens de boel gaan herinrichten en ik me het ongans zoekt naar een pak melk. “Waarom?!”, vraag ik dan in totale wanhoop aan een kassière en krijg dan het verbijsterende antwoord dat; “Het weer eens iets anders is”.
In onze hobby is het niet anders. Ineens hoor je er niet meer bij als de stroming van je vijver niet linksom loopt, is een meerkamerfilter hopeloos ouderwets of moet mijn GH ineens drie graden omhoog. Wanneer je me onderbouwd kan aantonen dat dit beter is voor de vissen ben ik de eerste zogenaamde trendvolger. Tot die tijd moet je niet aankomen met dergelijke onzin.
Je kunt duizenden jaren evolutie niet binnen een paar dagen overboord gooien, puur en alleen om een nieuwe trend neer te willen zetten. Stabiliteit en zo weinig mogelijk veranderen is de sleutel tot succes in de koihobby. Weleens een kangoeroe met een buidel op zijn rug gezien of een houtworm die qua smaak getransformeerd is naar de consumptie van zware metalen? Een roze olifant? Nou dan! Die laatste is trouwens een slecht voorbeeld, want die heb ik na een overmatige alcoholconsumptie wel eens gezien, maar u begrijpt waar ik heen wil?
“Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg” zei mijn wijze moeder ooit. Ze had gelijk. Laat je niet gek maken!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 42 - Gelezen op het parasietenforum
Rubriek: Visparasieten Topic (Sticky): Lees dit eerst. Door: BedBug [moderator]
Er zijn verschillende manieren om mooie visparasieten te kweken. Het beste kun je als voedingsbodem koi nemen. Koi zijn afgrijselijke kleurenvarianten van de gewone karper. Deze koi zijn door een stel idioten in Japan al flink verzwakt door inteelt, onnatuurlijke selectie en veelvuldige blootstelling aan gifstoffen. Daar kunnen we voor onze parasietenkweek dus dankbaar gebruik van maken.
Bij diverse “garageverkopers” in Nederland kun je voor een habbekrats aan deze gedrochten komen. Zoek gewoon naar vissen die in fluoriderend blauw- of groengekleurd water zwemmen. Selecteer vooral vissen die zich afzonderen, schuren of flitsen en die lusteloos gedrag vertonen. Wonden en ontstekingen helpen zeker mee, dus let daarop! De schitterende protozoa Costia vertoeft graag op dit soort plekken.
Vooral de vissen van de Japanse kweker Kamikaze staan bekend als uitstekend dragermateriaal voor uw parasietenverzameling. Bij thuiskomst moet je de vissen niet laten wennen aan de temperatuur van je vijver. Bij een flinke temperatuurshock heb je met een beetje geluk direct al prachtige Ichthyophthirius Multifiliis (Witte Stip) te pakken. Wanneer je flink wat vissen in één keer in de vijver zet, loop je kans op een ammoniakpiek, één van de beste methoden om een keur aan parasieten te verkrijgen en dus zeker aan te raden.
Er zijn protozoïsten die zelf ammoniak aan de vijver toevoegen om zo een kunstmatige piek te veroorzaken, maar dat is meer voor de gevorderde parasietenkweker. Teveel ammoniak doodt het dragermateriaal en dus de door ons zo aanbeden parasieten. Overbodig om te stellen dat een biologische filterinstallatie “not done” is. Het gevaar bestaat dat de ammoniak wordt afgebroken en dat moeten we niet hebben. Ook mechanisch filteren moet je niet doen, juist door veel organische vervuiling maak je kans op onze publiekslieveling Trichodina en laten we wel wezen, dat is toch één van de juwelen in onze hobby?
Forumgebruiker “Parafiel” kwam met het goede idee om besmet dragermateriaal uit te wisselen. Hebt u bijvoorbeeld een aantal dragervissen, dat onder de Chilodonella zit, dan kunt u er misschien wel één ruilen met iemand die een mooie Gyrodactylus uitbraak in de vijver heeft. Dragervis gewoon bijzetten en met een beetje geluk doen de Chilodonella het ook goed op uw gastheren. Zo helpen we elkaar aan een mooie collectie. Voor het idee van Parafiel wordt een aparte rubriek aangeboden/gevraagd aangemaakt. Rest mij niets om jullie veel plezier te wensen met het microscoopstaren.
“Een symbioot is een idioot, een parasiet is dat niet.”
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 41 - Paniek is een slechte raadgever.
Zondagochtend. Vandaag sinds lange tijd geen koigerelateerde “verplichtingen”. Oven voorverwarmen, verse croissantjes klaarleggen, Senseo aan. Tijd zat vandaag. Fluitend naar buiten om de visjes te voeren. Een gulle hand voer, gevolgd door een vrolijk gespetter . Ik zei; “Gevolgd door een vrolijk gespetter…” Geen gespetter?
Ik wrijf de slaap uit mijn ogen en zie dat er weinig belangstelling is voor het voer. Dat heb ik in geen jaren meegemaakt met mijn vissen. 37 alarmbellen gaan in mijn hoofd af en als een gek begin ik mijn systeem te controleren.
Binnen 0,4 seconden is het duidelijk, de pomp is uitgevallen. “Shit, waar haal ik op zondag een pomp vandaan?”, flitst het door mijn hoofd. Mijn reservepomp, de oude pomp van mijn vijver, heb ik pas weggegooid omdat ik toch een energiezuinige pomp wilde kopen zodat de huidige pomp als reserve kon gaan dienen.
Eerst maar eens kijken of ik hem weer aan de praat kan krijgen. Ik draai de kogelkraan die als toevoer naar de meerkamerfilter dient dicht, zodat ik het meerkamerfilter kan laten leeglopen en de droogopgestelde pomp kan loskoppelen zonder een nat pak te halen.
Schuifkranen naar het riool open en even wachten. Ik zei; “Even wachten…” Wat heb ik nu aan mijn fiets hangen, de filter wil niet leeglopen. Riool verstopt? Ik wordt gek, hoeveel pech kun je hebben op je vrije zondag? Als klap op de vuurpijl zie ik, dat het waterpeil van de vijver veel te laag staat. Toch geen lekke vijver hè!? Een driewerf “k..!” weet ik nog net te onderdrukken, ‘t is tenslotte zondag…
Ik sla mijn buurjongetje van zeven in elkaar om wat stoom af te blazen en dwing mezelf om even rustig na te denken. Een kapotte pomp, een verstopt riool en een lekke vijver! Dat kan drie dingen betekenen. Hogere machten vinden het een geschikt moment om me te straffen, een kloon van Ralph Inbar staat om de hoek te gieren met een verborgen camera of er is een logische verklaring, die ik door mijn “paniekaanval” niet zie. Ik besluit tot het laatste.
2,9 seconden later valt het muntje van 25 eurocent. De dag ervoor wilde ik, voordat ik wegging nog even snel de vijver spoelen. Omdat ik geen tijd meer had om te wachten tot deze bijgevuld was vroeg ik Marian om de kraan dicht te doen als de vijver bijgevuld was. Uitgaande van haar positieve antwoord deed ik alvast de kogelkraan naar de filter dicht en wilde beginnen aan het onderhoud. Marian gaf echter aan dat ze zelf ook weg moest, dus besloot ik het onderhoud de volgende dag te doen. U voelt hem al aankomen.
Doordat ik vergeten ben de kogelkraan weer open te zetten, werd de laatste filterkamer leeggepompt en viel de pomp door oververhitting uit. Toen ik vandaag constateerde dat de pomp het niet meer deed en deze wilde afkoppelen, draaide ik de kogelkraan dus niet dicht, maar open. Alles wat uit de filter naar het riool liep werd dus net zo hard weer aangevuld vanuit de vijver, waardoor het waterniveau in de vijver daalde.
Het probleem was binnen 4,7 seconden verholpen. Schuifkranen naar het riool dicht, stekker van de pomp er even uit en weer in (lang leven de oververhittingsbeveiliging) en de boel liep weer als een zonnetje. Enkele minuten later begonnen ook de vissen enthousiast aan een voedselorgie. Moraal van het verhaal? Paniek is een slechte raadgever en het in elkaar rossen van je buurjongen om je gedachten te ordenen, werkt beter dan Yoga.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 40 - Onbereikbare liefde.
Het was in Japan en kwam totaal onverwachts. Plots zag ik haar en stond de tijd even stil.
Zij was zo mooi, dat je haar gezien moest hebben om je van die schoonheid een voorstelling te kunnen maken. Een schoonheid die je niet kunt beschrijven maar slechts beleven. Met deze prachtige aziatische vrouw wilde ik mijn leven delen.
Dat wist ik binnen een fractie van een seconde.
Ik wist niets van haar karakter, maar haar ogen deden me smelten en de rest kon me gestolen worden. Ik dacht dat ik kansloos was en kon bovendien geen woord uitbrengen. Het enige dat ik deed was haar aanstaren en verdomd, ze keek terug! Recht in mijn ogen en zonder ook maar één keer te knipperen.
Ik kon me nauwelijks losrukken van die donkere, mystieke blik maar had anderzijds de onbedwingbare neiging om mijn ogen naar de rest van haar op en top vrouwelijk vormen af te laten glijden. Haar prachtige rondingen en gracieuze bewegingen werkten als een soort supermagneet op mijn ogen. Ik was echt niet de enige hoor, daar waar ze verscheen viel het stil. Maar ze keek naar mij!
Ik probeerde iets te zeggen, maar kreeg er niet meer uit dan een onverstaanbaar gemompel. Volslagen van de kaart en met een rode kop voelde ik me weer 16. Ik realiseerde me dat als ik niet tot actie overging ik het me de rest van mijn leven zou verwijten. Liever “en plein public” een blauwtje lopen, dan achteraf spijt als haren op je hoofd.
Juist op het moment dat ik me vermande en iets wil gaan zeggen, maakt ze een soort kusgebaar en kwam ik wéér niet verder dan een gedempte kreet. Verbaast keken de anderen me aan. “Wat heeft die ineens?” Van mezelf balend trok ik de stoute schoenen aan en wende me tot Maeda san: “Nisai Showa wa ikura desu ka?” (hoeveel mag die tweejarige Showa kosten?). “Go yaku man Yen” (vijf miljoen Yen) was het verbijsterende antwoord.
Ik stotterde er een “Domo arigato gozeimasu” (dank u beleefd) uit, maar de verliefdheid was op slag over. Ik wist dat vrouwen duur waren, maar zó duur? Eigenlijk is een goed karakter veel belangrijker mompelde ik nog, terwijl ik een paar bakken verder mijn aandacht naar een schele en kromgegroeide Sanke verplaatste.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 39 - Daar zal ik vast aarden…
Aan: De vijverafdeling van tuincentrum “ In goede aarde vallen”
Betreft: uw vacature in “potplantjandorie”
Geachte heer Worteldoek,
Hierbij solliciteer ik naar de functie “senior vijverspecialst” bij uw filiaal. Met grote verbazing nam ik bij een bezoek aan uw vijverafdeling kennis van het feit, dat de vissen zo rustig aan de oppervlakte dobberden, waardoor ik ze zo kon aaien en zelfs zonder dat ze tegenstribbelden uit het water kon tillen.
Dit getuigt toch van een gedegen kennis op het gebied van het tam maken van koi. De aanraking van het water gaf wel een wat branderig gevoel aan mijn handen, maar ik vermoed dat dit kwam door de mooie blauwe fluoriserende kleurstof die u had toegevoegd om de aanblik van de vijver te verfraaien. Heel mooi, die onderwaterverlichting in combinatie met die blauwgroene kleur. De grote hoeveelheid voer die aan de oppervlakte dreef, heeft mij doen beseffen dat de dieren bij u niets te kort komen en derhalve wil ik graag deel uitmaken van uw team. Als vooropleiding heb ik drie dagen lachere sgool, dus ver boven het gevraagde niveau. Graag leer ik dan intern van u hoe u die mooie gaten in de vissen maakt, waardoor ze net iets meer uitstraling hebben dan die bij onze plaatselijke koidealer. De vissen aldaar zijn sowieso veel drukker dan bij u. Wat leuk ook, die “ballonkoi”. Zijn die uitstaande schubben bij deze variëteit een soort bescherming tegen vijanden? Door de uitpuilende ogen kunnen ze die mooi van alle kanten zien aankomen. Slim hoor!
Erg onder de indruk was ik ook van dat grote schap met allerlei medicijnen en flesjes zonder etiketten. Ik begreep van het meisje van de kerstafdeling (die vanwege een onverklaarbare brand de boel opnieuw aan het opbouwen was) dat jullie zelf ook de inhoud van verschillende flesjes zomaar door elkaar mengen? Goed hoor, dat zal die ziekmaakbeestjes leren.
Mocht ik niet worden aangenomen, dan wil ik jullie toch van harte bedanken voor de vijf ééndagskoi die ik met korting bij jullie heb gekocht. Ik wist helemaal niet dat die bestonden, maar ik heb er toch bijna een hele middag plezier van gehad.
Onwijs doei,
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 38 - Clear Water Revival
Aan: De Nederlandse Drinkwaterleveranciers; Evides, Dunea, Oasen, Vitens, Drenthe, Groningen, Waternet, PWN, WML, Brabant.
Van: Nishikigoi Vereniging Nederland
Onderwerp: De kwaliteit van ons kraanwater.
Geachte heer/mevrouw,
Hierbij willen wij ons ongenoegen uiten over de kwaliteit van het door u geleverde kraanwater. Wij zijn van mening dat u een geheel verkeerde weg bent ingeslagen en de hobby voor ons als koihouders er niet gemakkelijker en al helemaal niet leuker op hebt gemaakt.
Veel leden van onze vereniging hebben een onbedwingbare neiging om additieven aan het water toe te voegen of er juist stoffen uit te halen om op deze manier de waterkwaliteit voor de door ons zo bejubelde karpers te verbeteren. Met onder andere klei, mineralen, yoghurt, melkzuurbacteriën, instraalsessies, bacteriepreparaten, oxidatoren, kruiden, algenmiddelen, ozon, magische doorstroomstaven, magneten, ontharding- en omkeerosmose-apparatuur zijn wij gewend ons water te verbeteren. De kwaliteit die u hedentendage levert is echter niet te evenaren en dus al helemaal niet voor verbetering vatbaar.
Bent u zich ervan bewust dat u hiermee een grote bevolkingsgroep in Nederland kwetst en buitenspel zet? Kom met uw van smetvrees doordrenkte collega’s eens uit die schulp! We willen zelf graag dure middelen in de vijver gooien om de benodigde hoge kwaliteit te bereiken. Daar hebben wij u niet voor nodig! Het is toch van de gekke dat er tegenwoordig wettelijke normen zijn, die de aanwezigheid van colibacteriën, streptokokken en legionellabacteriën aan banden leggen?
We hebben verdorie zelf onze koperen leidingen door loden pijpen moeten vervangen om nog enige schadelijke metalen in het water te krijgen. Met weemoed denken wij terug aan de tijd waarop een chloorlucht je neus prikkelde bij het wassen van je gezicht, jongens in de puberteit borsten ontwikkelden vanwege de hoge dosis hormonen in het water en haren en tanden spontaan uitvielen als gevolg van het in het water aanwezige landbouwgif. Wat was er mis met de vroegere waterputten met bijbehorende putlucht waarbij het nuttigen hieruit tot Oudhollandsche knokkelkoorts en spuitpoep kon leiden en de difterie hoogtij vierde? Denkt u dat de nazaten van Adolf Weil het leuk vinden dat de gelijknamige ziekte in Nederland op uitsterven staat?
Neen, dames en heren waterzuiveraars, wat ons betreft slaat u de plank volledig mis en bent u veel te ver doorgedraafd. Maak dan tenminste het water een stuk duurder zodat we onze overtollige financiële middelen niet meer hoeven te spenderen aan zinloos geraakte additieven. Kortom, u levert te goed water tegen een te lage prijs. Wij zullen u met het schaamrood op uw kaken bij Radar, Kassa en Knelpunt eens goed de oren wassen. Met putwater welteverstaan!
Onwijs doei,
Joop “GinRin” van Tol, Namens Nishikigoi Vereniging Nederland.
Koilum 37 - Kèn het zijn dat ik u kan?
Namen en gezichten onthouden is één van mijn grotere handicaps, en om u voor te zijn; ja, ik heb er vele. Gek eigenlijk, ik heb een fotografisch geheugen (Canon EOS Rebel XTi), maar heb moeite met het herkennen van gezichten. Zoals zoveel mensen met een handicap ben ik intussen meester in het camoufleren ervan. Als mensen me begroeten alsof ze me al jaren kennen, heb ik vaak geen idee waarvan ik ze moet kennen. Dat is absoluut geen desinteresse. In het deel van mijn hersenen dat verantwoordelijk is voor het herkennen van gezichten zitten honderden koivariëteiten en patronen (kwestie van prioriteiten ).
Vroeger had ik veel moeite met mijn handicap. Je wordt al snel als arrogant betiteld als je vraagt; “wie is u ook alweer?”, terwijl dat echt niet zo bedoeld is. Een tijdje ben ik aan het gokken geslagen. Dat is geen aanrader. Aan een directielid van mijn werk heb ik een keer gevraagd “hoe het met zijn vissies was”, toen hij me aansprak ergens in een winkelcentrum. Doordat de man in vrijetijdskleding en buiten de werkplek op me afstapte, kon ik de associatie met mijn werk niet maken en nam aan dat ik met een koimalloot van doen moest hebben. Vanaf dat moment heb ik het gokken maar gelaten.
Ik ben inmiddels veranderd van techniek. De kunst is om een oppervlakkig gesprek te houden en te “vissen” naar een associatie. “Hallo, hoe is het, mooi weertje niet?” doet het goed om snel naar het onderwerp vijvers te gaan als dat van toepassing is. Temperatuur en weersomstandigheden zijn immers van directe invloed op onze hobby en daarom een geliefd onderwerp tussen vijveraars. De topic “Temperatuur” op het forum is niet voor niets het meest gelezen.
Wordt hier door de andere partij niet op “ingehaakt”, dan volgt een weerpraatje, zonder dat de persoon er erg in heeft dat je naar zijn achtergrond “hengelt” en dat je nog steeds niet weet wie hij is. Behalve dan dat hij niets met vijvers van doen heeft (Oeps, ik schrijf “hij”, vrouwen kan ik dan op de één of andere manier dan weer wel onthouden). Ik begin dan bijvoorbeeld over de economie. Aangezien ik in het echte leven bedrijfseconoom ben is de kans aanwezig dat een vage collega tegen me aan het aanpraten is. Op die manier kom ik er, zonder dat de ander dat merkt, vaak achter met wie ik ook alweer te maken heb.
Mocht u me kennen en me op de Holland Koi Show aanspreken in bijvoorbeeld de infostand en ik vraag “hoe het met uw vissies is”, dan sla ik in ieder geval geen flater. De kans dat ik daar iemand tref zonder vijver is immers uiterst gering. Tijdens het gesprek hoop ik er dan wel weer achter te komen waarvan ik u ook alweer ken. Ben ik daar eenmaal achter, dan volgt de rest van het verhaal en de herinnering vanzelf. Het is even zoeken naar de goede directory, maar als die eenmaal is gevonden, zijn alle files wel weer beschikbaar.
U ken natuurlijk ook direct zeggen wie u is en waar ik u van kan, want ik kan het toch ook niet helpen dat ik niet ken onthouden dat ik u kan?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 36 - Worstjes op mijn borstjes.
Mensen doen rare dingen onder invloed van alcohol. Ik bedoel, hoe dronken moet je zijn om de tekst van een gemiddelde “carnavalskraker” te verzinnen? “’k heb op mien kop, een kamerbreed tapijt”, “weet je wat ik wel zou willen zijn? Een bloemetjesgordijn” en meer van die kolder.
Dat je zo lam als een konijn een dergelijke tekst verzint is nog tot daaraan toe, maar dat je dit “the day after” nog steeds een goede tekst vindt en zelfs “op plaat” durft vast te leggen is mij werkelijk een raadsel. Je moest je kapot schamen!
Wat kan mij de maat van je bloemkolen of wat er op je keukendeur staat, nou schelen? Al zet je bij de halve straat fluitketels op elkaars hoofd. Gèk he, dat je “een heel apart gevoel van binnen” krijgt, als je zoveel zuipt? Als westerling van boven de rivieren zal ik voor het fenomeen Carnaval wel te nuchter zijn.
Best jammer want het lijkt me geinig om eens onder invloed van vele alcoholische versnaperingen als een Neanderthaler rond te hossen en niet gehinderd door enige remming te brullen over een hinnikend hoefdier in de corridor van het naastgelegen pand, danwel over een vliegend insect op het reukorgaan van een lief klein haasachtig zoogdier met een wollige staart. Of heb ik nu een wel héél verknipt beeld van dit “feest”, dat toch oorspronkelijk serieus bedoeld was? Dat veertig dagen vasten, wie van u carnavalsvierders doet dat nou eigenlijk?
Nu ik erover nadenk, alleen daarom zou het voor mij al wat zijn. Ik wil verder niemand kwetsen hoor. Vele leden van onze club komen uit het Zuiden en er zijn er zelfs die ik (en nu allemaal even quasi diepzinnig kijken) tot mijn vrienden reken. De ellende is, dat het halve bestuur meedoet aan die zottigheid, waardoor de andere helft een week gestrest door het leven gaat. Maak daar eigenlijk maar twee weken van, want de week na carnaval komt er nog niet veel zinnigs uit en heb je het idee dat ze alsnog spontaan kunnen ontbranden wanneer ze in de buurt van een open vlam komen.
Deze twee weken moet de nuchtere helft van het bestuur de kastanjes van de lamme helft uit het vuur halen. Maar de maat is vol. Wij eisen nu compensatie. In tegenstelling tot het zinloze zuipen gaan wij, als intelligente helft van het bestuur, twee weken in retraite. We zoeken hiervoor een zuurstofrijk, bergachtig gebied waarin geluiden van kabbelend water worden afgewisseld door rijstvelden en waar de door ons zo aanbeden juwelen in grote getalen hun rondes doen.
Als u een suggestie heeft, dan horen we dat graag... “Prinsen” van het Zuiden, wij gaan naar de keizer van het Oosten. Passen jullie even op de winkel?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 35 - Buschauffeur, ik moet zo nodig plassen...
Mocht u overwegen om zich op te geven voor de komende KoiTrek naar Engeland, bedenk dan, dat er in de bus op “hoog niveau” gesprekken worden gevoerd tussen de hobbyisten onderling.
Vorig jaar reden wij met twee bussen richting het Zuidoosten van Engeland. Degene die in Breda waren opgestapt, waaronder ik, reden met chauffeuse Jet mee. Onderweg ving ik een aantal gespreksfragmenten op die ik u niet wil onthouden. De humor ligt op straat, of in dit geval, in de bus.
Het begint al als Erik (die werkelijk geen minuut zijn mond kan houden) constateert dat er onder koihobbyisten significant veel mensen met weinig haar voorkomen.
Die lullen dan ook meer dan mensen met een volle bos, constateert Hans als een professioneel amateuranalyticus. Meteen voegt hij daaraan toe dat dit voor hem niet geldt, omdat hij de ziekte van Vijver heeft en eigenlijk mee is om uit te rusten.
Weinig kans, met Henk, die ondertussen probeert Jet aan te sporen er flink de vaart in te gooien. “Geef ‘m van Jetje”, “we willen een Jetstream achter de bus” en “Jet(zt) geht loss” zijn dan de geijkte inkoppers, die Jet overigens knap pareert door “You ain’t seen nothing Jet”, door de microfoon te roepen. Gelukkig is het tijdsverschil met Engeland maar een uur, zodat we niet bang hoeven te zijn voor een Jetlag, grapt iemand, terwijl een vrijgezel zich afvraagt hoe hij achter het nummer van de hotelkamer van Jet kan komen (EasyJet).
Zo gaat het een poosje door, daalt het niveau maar stijgt de stemming. Tijdens een stop op de heenweg spreek ik Chiel, die in de andere bus zit. Als ik hem vraag hoe daar de sfeer is, antwoordt hij dat het gezellig is en dat de “oudjes” om de twee uur worden verschoond. Als aan Chiel gevraagd wordt of hij nog in het pak moet dit weekeinde (om te jureren) antwoordt hij; “ja, in een joggingpak”.
Met Chiel valt werkelijk geen zinnig gesprek te voeren. Hij heeft iemand al wijsgemaakt dat Evelien, zijn vrouw, een Engelse pub heeft, waar we dat weekend vlak bij zitten. Van het eerste deel van zijn verhaal is qua uitspraak niets gelogen overigens, alleen betreft het een Engelse pup van het merk bullterriër.
Terug in de bus ontstaat een discussie over het opstarten van een filter. U kent dat wel, wel of geen bacteriën toevoegen enzovoort. De discussie eindigt met slechts één conclusie waar iedereen het over eens is, namelijk dat je een eiwitafschuimer het beste opstart met een rauw ei... Dat niveau dus ongeveer…
Joop “GinRin” van Tol
*) Namen van medepassagiers zijn gefingeerd, ze zouden zich kapot moeten schamen
Koilum 34 - …muteen gaan huìluh…
Ik heb nooit mijn Haagse achtergrond verloochend. Sterker nog, dat prachtige accent steekt toch met kop en schouders boven al die andere Nederlandse accenten uit? Haagse Bluf zegt u? Ach ja, misschien wel. Dat ik echter de hobby nog eens kon beleven in een prachtige symfonie van Hofstederiaans, overtrof mijn stoutste verwachtingen.
Vanuit verschillende hoeken was me gevraagd of ik eens meeging naar een avond van de Haagse Koivrienden. Toen ik zelfs via Hyves een officiële uitnodiging kreeg, kon ik natuurlijk de boot niet meer afhouden.
De Haagse Koivrienden komen maandelijks bij elkaar om over koi te ouwehoeren. En ik moet zeggen, het was een reuze gezellige avond in een ongedwongen sfeer met bekenden en mensen die ik nog moest leren kennen. Tegenwoordig ben ik kind aan huis en als het even kan bij elke bijeenkomst aanwezig. Door de gevarieerde en weldoordachte taal die wij Hagenezen bezigen, hebben wij vaak al aan een half woord genoeg, daar waar u een hele zin nodig hebt om zich uit te drukken.
Mocht u overwegen om eens een avondje langs te komen, leer dan onderstaand rijtje even uit uw hoofd. U kunt dan direct gemakkelijk meekomen. Hardop uitspreken werkt meestal het beste.
Karrupâhr: Cyprinus carpio, de gewone karper. Tevens aanduiding voor Koi Kârrepàgs: Een veelvoud van Cyprinus carpio. Bàk: Algemene aanduiding voor een vijver, ongeacht vorm en grootte. Strakkù bàk: Wat een mooie vijver hebt u daar. Die vis is mòl: Helaas moet ik u het overlijden van deze vis mededelen. Baggâh: De kwaliteit van uw vis ligt ver beneden het gemiddelde. Voêahboêah: Fabrikant of verkoper van voedingsmiddelen voor dieren. Drìjfsèis: Een zich in, of regelmatig bij, het water begevende vogel. Sèìs: Alle vogels die niet behoren tot de categorie drìjfsèis. Rèigâh: Hoofdgroep: drìjfsèis. Subgroep: vuìle klerùlijàh. Bieâhr: Gerstennat dat bij voorkeur langs de vijver wordt genuttigd. Râhwe vissticks: Sushi, kleine Japanse hapjes met rauwe vis, rijst en zeewier. Flippâhs: Algemene aanduiding van de diverse vinnen van een vis. Roeâhr: Hiermee wordt de staart van een vis aangeduid. Plàtjus: Algemene aanduiding van een parasitaire aandoening op een vis. Vijvâhtoko: Bedrijf, dat gespecialiseerd is in vijvers en aanverwante artikelen. Schèitagd: Vis die niet gemakkelijk tam te krijgen is. Slettûhbak: Vis die zich graag laat aaien en uit de hand eet. Hoeâhr: Vis die alles doet voor voeâhr. Páling: Vis met een wat weinig volle body. Slanguhkuil: Verzameling vissen bij elkaar met een wat weinig volle body.
…als ik geen Hagenees zâh zijijijn…
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 33 - Werkvakantie...
“Waar ga je naartoe met vakantie?”, vroegen enkele collega’s vorig jaar toen ik op vrijdag in plaats van het gebruikelijke “prettig weekend”, “tot over twee weken” riep bij het verlaten van het pand. “Vakantie?!?”, antwoordde ik quasi verontwaardigd, “dat wordt keihard werken hoor!”.
Vervolgens kon ik gaan uitleggen dat we een koishow gingen organiseren, dat dit inhield dat we met duizenden mensen naar vissen in zwembadjes gingen staren, dat we hier al maanden mee bezig waren en dat dit ruim een week opbouwwerk ter plaatse met zich meebracht. Vrijwel direct had ik spijt van mijn uitleg, want ik zag aan de verbaasde en meewarige blikken van mijn collega’s, dat ik in het vervolg wel niet meer serieus zou worden genomen.
Op mijn werk vertel ik daarom niet zoveel meer over mijn hobby. Ik zie daar de toegevoegde waarde niet zo van in. Het wordt toch niet begrepen en ik heb geen trek in toneelspelende, quasi geïnteresseerde collegae die het in werkelijkheid allemaal worst is. De koihobby is een hobby die je eigenlijk alleen kunt delen met mensen met dezelfde passie. Lotgenoten zou ik het bijna willen noemen, ware het niet dat dit zo’n negatieve bijklank heeft. Mede hierdoor hangt er, denk ik, dat opgewonden sfeertje rond de Holland Koi Show in Arcen.
We kunnen eindelijk uit de kast komen en ongegeneerd uren lullen over een visje, zonder dat we bang hoeven te zijn om voor gek te worden verklaard. We mogen de teugels laten vieren en hoeven niet stiekem te doen als we door emotie worden overmand bij het zien van een sensationele Showa, kwijlen van Kohaku of hijgen bij Hajiro. Onze ware aard komt naar boven en het masker dat we ons hebben aangemeten om te kunnen functioneren in de maatschappij wordt even afgeworpen.
Rangen en standen vervagen. Nieuwkomers in de hobby krijgen een schat aan informatie van de oude rotten die na jaren nog steeds vol passie over koi kunnen vertellen. We zijn andere, vrijere en blijere mensen geworden. Anderhalve week bezig zijn met waar je van houdt en de rest van het jaar weer in het gareel. De komende show gaan we wederom fors uitbreiden. Naast koi komen er ook een aquariumshow en zelfs een heuse garnalenshow.
Daar hoef ik op mijn werk zeker niet mee aan te komen. Vond men van vis al dat het enige nut hiervan het opeten is, als ik met garnalen houden als huisdier aankom, kost me dat mijn laatste greintje autoriteit. Op de vraag “waar ga je naartoe met vakantie?”, heb ik dit jaar maar geantwoord met: “twee weekjes naar Limburg, we hebben daar een leuk hotelletje geboekt…”. “Oh leuk”, werd er geantwoord. Blijkbaar vind niemand het gek dat je voor je plezier, vrijwillig een paar weken in Limburg gaat bivakkeren. Rare wereld…
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 32 - Papa don’t preach…
Op een dag kom je erachter dat je, je eigen ouders bent geworden. Als puber is dat zo ongeveer je ergste nachtmerrie, maar in de praktijk valt de “pijn” reuze mee. Ik heb het dan niet over een “midlifecrises”, waarbij de drang om het roer nog één keer om te gooien overheerst en waarbij je vriendin van 38 moet worden ingeruild voor twee van 19 en die degelijke Astra wordt vervangen door een compensatie Harley. Neen, ik heb het dan over het premidlifecrisistijdperk, waarin je, je langzaam bewust wordt van het feit dat je over de helft bent en wel erg veel trekjes van je ouders begint te krijgen. Bij mij kwam dat moment de afgelopen winter, om precies te zijn op een zaterdagavond. In mijn eigen ogen ben ik, of liever gezegd was ik, namelijk een hypermoderne vader. Een jongen van deze tijd, die wist wat er te koop was anno 2009.
Marian en ik zaten gezellig thuis, bij te komen van een hectische week. Op History Channel was een documentaire bezig over Raspoetin en onwillekeurig kwam er een melodie in mijn hoofd opzetten uit lang vervlogen tijden. Natuurlijk! Had Boney M. had daar niet ooit eens een hit mee gehad? Nu is het bij mij zo, dat de enige manier om een melodie uit mijn hoofd te krijgen, het luisteren naar het volledige liedje is. Naarstig werd dus verbinding met internet gezocht en het liedje in een vloek en een zucht gevonden op YouTube. Meedeinend op de muziek en vrolijk van de kleurige videoclip op het scherm aan de wand bedacht Marian dat het ook wel leuk zou zijn om “Paradise by the dashboardlight” nog eens te herbeleven. Hierna koos ik voor Spargo en raakten we verstrikt in een mallemolen van dance classics. Via Gloria Gaynor, Risqué, Janis Ian, Dan Hartman, Pat Benatar, June Lodge, Diana Ross en vele, vele anderen beleefden we een avond vol dierbare herinneringen uit die roerige, tachtiger jaren. Is het niet fantastisch dat onze jeugd achteraf zo goed geconserveerd blijkt te zijn door het fenomeen internet? Werkelijk elk liedje dat we konden bedenken werd gevonden. Na enkele uurtjes kwam Davy naar beneden met de vraag of het wat zachter kon en of we die prehistorische muziek nou echt mooi vonden. Nog even hebben we geprobeerd hem erbij te betrekken door hem ook liedjes te laten kiezen. Nu kan ik u brommen dat de lol van een jaren tachtig revival snel wegebt na een paar nummers Speedcore… Langzaam, maar pijnlijk werd duidelijk dat deze moderne pa ook gewoon te kampen had met een generatiekloof van hier tot Oeteldonk. Vonden mijn ouders TopPop toentertijd ook niet van die wanstaltige muziek?
Door deze openbaring ben ik eens na gaan denken en daardoor de parallel met onze hobby beter gaan begrijpen. Ik, als “klassieke” Go Sanke liefhebber, heb het niet zo op die moderne futuristische subvariëteiten met glitters. De nieuwkomers in de hobby, vaak jonge mensen, zijn meestal wel gecharmeerd van die discovissen. Ik heb me voorgenomen me te verplaatsen in hun wereld en te proberen de schoonheid van het GinRin in te gaan zien. Gezien mijn “nickname” levert dat misschien ook nog wel een boost van mijn eigen (innerlijke) schoonheid op…
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 31 - Ar joe tokking toe mie?
Apparaten worden steeds slimmer en dat is soms best een enge ontwikkeling. Mobiele telefoons, die een jaar of vijf geleden nog model en formaat ijskast hadden, zijn getransformeerd tot flinterdunne apparaatjes. Hiermee kun je e-mailen, fotograferen, navigeren, muziek afspelen, interneppen, filmen, betalen en zelfs in contact komen met andere mensen die ook een dergelijk apparaatje bezitten. Dit laatste wordt bellen of telefoneren genoemd. Doordat veel apparaten met elkaar communiceren, zonder tussenkomst van de mens, kun je voor rare verassingen komen te staan.
Zo bleek mijn laptop via Bluetooth verbinding te hebben gemaakt met mijn mobiele telefoon. Hierdoor wist mijn aan Hyves verslaafde zoon, zonder een spier te verrekken, telkens te vertellen dat er gebeld ging worden en door wie. Een avond lang dichtte ik hem bovennatuurlijke krachten toe, totdat ik de volgende dag zelf achter de laptop zat en de naam van degene die belde, vlak voordat de telefoon overging, “gewoon” op het scherm verscheen. Op dit moment ben ik bezig om mijn zojuist aangeschafte TV te temmen. Een schitterend staaltje ultraplatte techniek dat dankzij de opkomst van HD televisie haarscherpe beelden, levensecht de huiskamer inpompt. TV is eigenlijk het verkeerde woord, ook hier is spraken van een interactief multimedia-apparaat dat via het thuisnetwerk zelfs de PC kan benaderen. Ook de draadloze webcam boven de vijver kan op die manier op het scherm worden getoverd. Ik moet allen nog “even” uitzoeken hoe. Het is moeilijk om door de bomen het bos te blijven zien en de juiste verbindingen tot stand te brengen. Ik ben daar over het algemeen best handig in, maar sommige apparaten spreken gewoon een andere taal. Het is alsof de God van de Techniek een digitaal Babbelonië heeft gecreëerd om de mensheid in het algemeen en mij in het bijzonder, tot waanzin te drijven. Om de all-in-one afstandbediening te programmeren zijn meerdere avonden intensieve studie nodig geweest. Soms word ik badend in het zweet wakker uit een droom waarin de magnetron ruzie maakt met de deurbel over wie het meest efficiënte “pingeltje” heeft en de alarminstallatie filosofeert met de digitale thermometer, over een betere wereld zonder criminaliteit en opwarming van de aarde. Niet alleen thuis spurt de techniek voort, ook in de auto zijn telkens nieuwe snufjes te vinden. Dit gaat zo ver, dat u straks helemaal niets meer hoeft te doen achter het stuur (verkeerde benaming, want een stuur zit er dan niet meer in). Eigenlijk wordt autorijden een beetje treinreizen, maar dan zonder neuspeuterende, agressieve of onwelriekende medepassagiers, in een eigen coupé, wanneer het jou uitkomt en niet gehinderd door bladeren op de rails of vierkante wielen.
Ook in de koihobby doet de geavanceerde techniek met rasse schreden haar intrede. Digitale meetinstrumenten om de waterkwaliteit te monitoren, elektronische schuifafsluiters, waarschuwingssystemen en geautomatiseerde, zelfspoelende filterinstallaties zijn al lang geen uitzondering meer. Verzin het maar en het bestaat of is in de maak. Ik voel dat er binnen afzienbare tijd weer een cursus aan ons gamma moet worden toegevoegd: “KOI-HACKER” (KwaliteitsOpleiding In Hoogwaardige Autonome Computertoepassingen voor Koivijvers En Randapparatuur).
Banken vallen om als dominostenen, spaartegoeden verdampen als sneeuw voor de zon, beurskoersen vallen sneller dan de zwaartekracht het kan bijbenen, hypotheken blijken waardeloos geconstrueerd en huizen staan gemiddeld een jaar te koop. Een beurskrach welke die van 1929 doet verbleken, kondigt een kredietcrisis aan waar de volgende twee generaties de bittere vruchten van zullen plukken. De hedendaagse graaicultuur laat een mooie erfenis na.
Niets aan de hand mensen, gewoon doorlopen, tettert nieuwbakken bankdirecteur Wouter Bros op de staatstelevisie. De overheid staat garant. Is dat dezelfde overheid die eigenlijk alleen maar een negatief tegoed heeft in de vorm van een staatsschuld? Makkelijk gillen met andermans centen! Als ik snel reken hebben we er een nieuw, ietwat uit koers geraakt, Waddeneiland bij, in de vorm van IJsland. De tegoeden van de Nederlandse spaarders en lagere overheden bij de geklapte IJslandse bank IceSave (ze beloofden gouden- in plaats van sneeuwbergen) zijn hoger dan het Bruto Nationaal Product van heel IJsland bij elkaar. En dat is nog maar het topje van de Iceberg. IJsland is dus van ons! Annexeren die hap. Mijn voorstel is dan ook om lekker door te gaan met de CO2 uitstoot, zodat we over enkele decennia van IJsland een tropisch feesteiland kunnen maken waaraan Ibiza nog een puntje kan zuigen. U kunt nu reeds voorinschrijven op aandelen van het door mij opgerichte IceInvest. We hoeven niet moeilijk te doen over Europees aanbesteden, IJsland valt immers buiten de Europese Unie. We douwen dus gewoon dat hele eiland vol Polen en gaan nu alvast als een gek resorts bouwen. Polen op IJsland, het klinkt allemaal erg koud, maar de vonken zullen er vanaf spetteren. Uw spaarcentjes zullen uiteindelijk dus veel beter rendieren (IJslands voor renderen) dan die lousy vijf-punt-vijf procent rente die u bij IceSave kreeg voorgeschoteld. De valleien tussen de IJslandse heuvels heb ik echter al geclaimd (van uw IceInvest centjes uiteraard). Deze zullen worden gevuld met vers smeltwater uit de heuvels en dienst gaan doen als hoogwaardige mudponds. Die plannen zijn al geheel uitgewerkt. De eerste jaren worden ze nog verwarmd met de heetwaterbronnen waar het van stikt op dat eiland, daarna zal het broeikaseffect de boel geleidelijk overnemen. Over tien jaar weet niemand meer waar Niigata ligt. Uw crisis is mijn lot uit de loterij. Ice, Ice Baby…Bedankt lieve mensen!
Joop “GinRin” van Tol.
Koilum 29 - Zweeftuig
Je kunt van alles over me roepen, maar één ding staat als een paal boven water. Ik ben niet bijgelovig en geloof uitsluitend in zaken die wetenschappelijk kunnen worden aangetoond. Voor mij geen ongrijpbare verhalen, subjectieve waarnemingen of suggestieve teksten. Weg met helderzienden, koffiedikkijkers, astroleugenaars, wichelroedesnuffelaars, blauwe jurken, tarotteven, handopleggers, onwaarzeggers, lepelbuigers, Char(latans) en ander zweeftuig dat graag geld verdient over de rug van andermans ellende. Ik snap helemaal niets van dat spirituele “gedoe”. Kan bijvoorbeeld een Ghost Whisperer ook met een Kohaku praten?
Oorzaak en gevolg worden veel te vaak en maar wat graag aan elkaar gekoppeld, al hebben ze soms helemaal niets met elkaar te maken. We zien wat we willen zien en hebben een selectief gehoor en geheugen. Vrijwel niemand zal gemakkelijk toegeven dat zijn dure investering het geld eigenlijk niet waard was. Dat voelt namelijk als falen. Het zweeftuig, maar ook de slimme verkoper maakt hier handig gebruik (misbruik) van. Een charismatische kop doet wonderen en complimentjes spelen onbewust mee in onze besluitvorming tot aanschaf van een apparaat of dienst. Het placebo-effect viert hoogtij, wat voor de 21e eeuw toch op zijn minst opmerkelijk is. Goed, de gemiddelde hobbyist gooit doorgaans zijn met stenen verzwaarde buurvrouw niet meer in de vijver wanneer hij haar verdenkt van hekserij, maar echt veel verder zijn we nog niet. “Ziet u dat het water uit vijver A véél helderder is dan van vijver B?”, terwijl de objectieve (!) vraag van een objectieve onderzoeker zou moeten zijn; “Welk vijver vindt u de meest heldere?”. Het gebeurt overal. De koiscene is hierop echt geen uitzondering. De ene mens is hier gevoeliger voor dan de andere. Zal wel met de genen te maken hebben. Ik houd mezelf voor hier totaal ongevoelig voor te zijn en mijn beslissingen louter objectief te nemen. Natuurlijk lukt dat in de praktijk niet altijd, want net als ieder mens heb ik ook mijn zwakheden. Je daarvan bewust zijn is al een stap in de goede richting. Ik heb bijvoorbeeld één keer een vis gekocht in een impulsieve bui (dat betekende in mijn geval gewoon teveel bier) en daar later veel spijt van gehad.
Het mag duidelijk zijn. Als overtuigt atheïst geloof ik uitsluitend in de wetenschap. Dat betekent overigens niet dat ik andersdenkenden niet respecteer, maar wel dat ik vrij kritisch ben naar beweringen, middelen of apparaten waarvan de geclaimde werking niet wetenschappelijk kan worden aangetoond. Wanneer een product of dienst echter aantoonbaar meerwaarde heeft voor de vijver (en dus voor de hobbyist en dus voor onze leden) zal ik de eerste zijn die hier een artikel aan wil wijden. Uiteindelijk zal kwaliteit vanzelf boven komen drijven. Mijn streven is om tot die tijd zoveel mogelijk mensen te behoeden voor onnodige en onzinnige investeringen. Of dat nu een blikje toverkollenpasta, of een duur wonderapparaat is, dat is me om het even.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 28 - Nederland, belastingparadijs voor Grijs 1
Enkele maanden geleden werd de afschaffing van de slavernij in Nederland herdacht. Met een uitgestreken smoel gaf onze charismatische leider, Neerlands hoop in bange dagen, dhr. Bakellende aan, hoe goed het was dat Nederland in 1863 de laatste slaven vrijliet. Dat de slaven, die we jarenlang in Afrika ronselden en naar Amerika ranselden, voor de handel geen drol meer opleverden, had daar vast niets mee te maken. Neen, de VOC mentaliteit die wij volgens JééPéé tegenwoordig ontberen, had toentertijd zeker ineens plaats gemaakt voor gezond verstand en naastenliefde? Mijnheer de president…slaap zacht!
Anderhalve eeuw na dato blijkt de slavernij weer volop terug in Nederland. Loonslaven zijn we geworden, murw geslagen door belastingregeltjes, terwijl golven van betutteling over ons neerdalen. Autorijden is al lang niet leuk meer. Brandstofprijzen worden tot in het krankzinnige opgedreven en wat doet Den Haag? Die verhoogt de accijnzen!? Kapitalen aan Slurptax en BPM mag je betalen, terwijl je lijdzaam moet toezien hoe de wegen dichtslibben ten gevolge van een chronisch asfaltgebrek. Asfalt, waar wij door het betalen van wegenbelasting toch genoeg voor binnenbrengen. Helaas wordt dat geld gebruikt om lege treinen en bussen te laten rijden. Voordeel van het fileleed is natuurlijk wel, dat je straks met de kilometerheffing goed waar voor je geld krijgt. Je mag immers lekker lang over die kilometer doen, samen met honderdduizenden medelanders in een troosteloze, oneindige rij van blik. Begrijpt u niets van dit beleid? Dan zal de staatstelevisie het net zolang uitleggen tot iedereen het ermee eens is. Het beetje vrije asfalt, zondagnacht om 03:00 uur, ergens bij Smallingerland, wordt begrensd tot 50 kilometer per uur omdat twee harige bilnaden, onder de mom van wegwerkzaamheden zo nodig een sjekkie moeten roken op de vluchtstrook. Als we het kwartje van Kok met terugwerkende kracht en rentedragend zouden terugkrijgen, zijn we potdomme schathemeltjerijk! Ik vraag me af hoe men ons gaat “pakken”, als er straks geen geld meer binnenkomt uit boetes voor te hard rijden, daar het schier onmogelijk is geworden überhaupt nog een snelheidsovertreding te begaan! En alles wordt maar geslikt. “Wordt geen slaaprijder” propageren borden langs de snelweg. Doe geen moeite, dat zijn we al.
Maar goed, autorijden is een keuze. De druppel die voor mij de emmer deed overstromen was het briljante idee om op hobbydieren, het hoge omzetbelastingtarief te gaan heffen. De vis wordt duur betaald. Daarin hebben wij geen vrije keuze, we zijn immers verslaafd! Het plan ligt nu even in de ijskast, maar geloof me, het komt als een boemerang terug op ons bordje. We moeten zogenaamd mee met de Europese regelgeving, omdat er anders spraken is van oneerlijke concurrentie. Alsof iedere Europeaan massaal zijn cavia en parkiet in Nederland komt kopen. Houd toch op! Laat ze eerst die BPM en accijnzen maar eens gelijk trekken. Maar goed, als we nu allemaal beloven dat we onze koi uiteindelijk zullen opeten, komen we er misschien onderuit. Voor consumptiedieren geldt deze regel straks namelijk niet. Boter bij de vis? Een ander alternatief is om aan te sluiten in de eindeloze blikken rij, met een sukkeldrafje de Nederlandse grens te passeren, daarna het gaspedaal diep in te trappen en nóóit meer terug te komen.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 27 - Tien kleine Koi
Tien kleine Koi, vlug in een zak gemikt. Na aankomst bij de vijver, bleek er één gestikt.
Negen kleine Koi, direct maar in de vijver. Eén werd bevangen door de kou en was dus toch geen blijver.
Acht kleine Koi, goed water was het niet. De zwakste van het hele stel werd slachtoffer van een parasiet.
Zeven kleine Koi, ze kregen zat te eten. Toch heeft de grootste van het hele stel, de kleinste opgegeten.
Zes kleine Koi, zagen wat landen op de steiger. Eentje lette niet goed op en werd voer voor de reiger.
Vijf kleine Koi, het water werd wat beter. Toch ging er eentje zomaar dood, dat klopte voor geen meter.
Vier kleine Koi, aan‘t spelen in de plas. Ze deden dat erg enthousiast, één landde in het gras.
Drie kleine Koi als visjes in het water. Totdat er één dicht bij de kant, ten prooi viel aan een kater.
Twee kleine Koi, ondanks goed eten toch niet slimmer. De gulzigste van deze twee belande in de skimmer.
Eén kleine Koi, werd in zijn eentje groot. Hij zwemt daar nu al jaren rond en is nog lang niet dood.
Koilum 26 - Big Brother is watching you
Vrijwel ongemerkt verandert Nederland langzaam in een totale politiestaat. Dankzij de pinpas is al langere tijd precies te achterhalen wat u allemaal hebt aangeschaft. Of dat nu een onschuldige struik andijvie in de plaatselijke supermarkt is, of een speeltje in de erotiekshop doet niet ter zake. De chipknip heeft ondertussen feilloos geregistreerd waar u het parkeer- of treinkaartje hebt gekocht om uw boodschap te kunnen doen. U bent wat u koopt en wordt daar binnenkort zonodig op aangesproken. Overigens wordt u tijdens uw aankopen voor de zekerheid ook nog even gefilmd. Nederland hangt namelijk vol met camera’s. Sinds kort hangen die ook in elk treinstel. Goed, het is wat lastig om met je mobieltje te filmen, terwijl je lekker een treinstel aan het slopen bent, maar ik verwacht niet dat die beelden aan u beschikbaar worden gesteld voor een upload naar Youtube, dus de toegevoegde waarde ontgaat me.
Steeds vaker wordt op bedrijven een op te waarderen bedrijfspas verstrekt waarmee de lunch, koffie en snackautomaat betaald dienen te worden. Het is nog een kwestie van tijd, dat de bedrijfarts bij ziekte een uitdraai van de kantine uit uw dossier tovert en u aanspreekt op uw overmatige krokettenconsumptie. Uw surfgedrag op internet is feilloos te achterhalen dankzij uw unieke IP adres, dat bij ieder bezoek op welke website dan ook wordt achtergelaten. Elk mailtje dat u verstuurt wordt ongemerkt voorzien van uw digitale visitekaartje en plaatjes van uw achtertuin en huis zijn via Google Earth en Google Street View voor iedereen zichtbaar. Ook uw kijkgedrag is met de komst van de digitale televisie feilloos te achterhalen. Trajectcontrole registreert uw auto met behulp van foto’s van uw kenteken over een steeds langere afstand. In het hele land is overigens tot op enkele honderden meters nauwkeurig te bepalen waar u zich op elk moment van de dag bevindt, omdat uw telefoon voortdurend in verbinding staat met de dichtstbijzijnde GSM mast. Deze gegevens worden lange tijd bewaard en zijn opvraagbaar door onze binnenlandse veiligheidsdiensten. Dit omzeilen door de telefoon uit te zetten of een anonieme prepaid telefoon aan te schaffen is binnenkort verleden tijd. De kilometerheffing komt er namelijk aan. Een niet uit te zetten, elektronisch kastje wordt in uw auto gemonteerd. Uw locatie, snelheid, tijdstip, route, bestemming en aantal gereden kilometers worden met behulp van GPS opgeslagen, doorgeseind naar de centrale database en zo nodig tegen u gebruikt. Dat de melkkoe verder wordt uitgemolken is nog tot daar aan toe, maar het idee dat je continu in de gaten wordt gehouden bevreest me wel een beetje, ook al heb je niets om voor te vrezen. Mezelf dit allemaal realiserend, vraag ik me af hoe het in vredesnaam mogelijk dat er nog zoveel misdaden onopgelost blijven? Toch ook voor de zekerheid maar de DNA gegevens van elke medelander ergens gaan opslaan en hier een risicoprofiel uit berekenen? Bij iedereen een chip implanteren? Een metalen halsband om desgewenst een shock uit te kunnen delen bij een verkeerde woordkeuze? Preventieve ruiming van elk embryo met een verhoogd misdaadprofiel? Het cullen van mensen dus, al vóór de geboorte?
Nu hebben de Japanners natuurlijk een ruime ervaring met cullen, maar je moet er toch niet aan denken dat het cullen van mensen aan hen overgelaten zou worden? Ik weet niet of u wel eens een Japans televisieprogramma hebt gezien, maar geloof me, de wereld zou dan een heel bizarre plek worden.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 25 - Oogjes toe lieve kijkbuiskinderen
Moe, doodmoe word ik van het huidige televisieaanbod. Waar zijn de avonden gebleven, dat heel Nederland op zaterdagavond afstemde op een blijspel? Bakkie chips erbij en een glaasje aanmaaklimonade. Gezellie! Waar is de tijd gebleven van Sterrenslag, Toon Hermans, Sonja Barend en de immer politiek correcte Fabeltjeskrant? Wat is er gebeurd met het Eurovisie Songfestival van vóór de komst van de Oostbloklanden en wat is er in hemelsnaam gebeurd met het Nederlandse voetbal van ná 1988? Ik ben zó blij, dat ik nauwelijks aan televisiekijken toekom!
Het is toch te triest voor woorden wat we tegenwoordig voorgeschoteld krijgen? Als je als buitenlander naar televisiekijkend Nederland kijkt, dan denk je toch dat de evolutie van de mens abrupt tot stilstand is gekomen? Sterker nog, dat we met een rotgang afglijden naar het niveau van de doorlopende wenkbrauwen en afgeplatte voorhoofden. De Gouden Kooi, Boer zoekt Vrouw, Spuiten en Slikken, belspelletjes voor randdebielen en Tel Sell. En ik voorspel u, het wordt nog veel erger. Met steeds extremere programma’s proberen de zenders elkaar af te troeven, om de aandacht van kijkers met een hoog Tokkiegehalte voor zich te winnen. Het dieptepunt is nog niet bereikt. Programma’s als Comazuipen en Kotsen, Burka zoekt vrouw, Funniest Zelfmoordvideo’s, Hooligans in Disneyland, Survivalen in Bagdad en een Soap over het roerige leven van een Loverboy zijn nog een kwestie van tijd. Met de komst van de digitale televisie, is het aanbod van zenders vele malen groter geworden. Maar is het er ook kwalitatief beter op geworden? Een dikke NEE wat mij betreft. Zo kan ik op de locale omroep Fryslan zien, dat het hondje van de brugwachter een beetje verkouden is doordat hij in het water is gevallen en heeft omroep Zeeland een avondvullend programma over het plaatselijke kattenvrouwtje. Nieuwswaarde nul komma nul en een entertainmentcijfer van min vier! Je zou van pure ellende toch bijna “mens-erger-je-niet” van zolder gaan halen. Een uit pure verveling geboren babyboom, zoals in de roerige 50-er jaren kan toch niet meer uitblijven?
Nu wil ik niet beweren dat we terugmoeten naar de “stampot met een gehaktbal” jaren. Integendeel. De naar het verleden hunkerende knuffelhomo’s, die bedachten dat er een musical moest komen over de Fabeltjeskrant, slaan de plank wat mij betreft finaal mis. Mijns inziens ligt de oplossing in de zogenaamde themakanalen. Voor elk wat wils en afgestemd op je persoonlijke voorkeur. De hele avond natuurfilms (al dan niet voor 18+), de hele dag sport, nieuws, muziek of van mijn part kantklossen voor kansarmen. Natuurlijk mag een Tokkiekanaal voor de lage voorhoofden niet ontbreken. Het wordt gewoon de hoogste tijd voor een Themakanaal over koi, koi en niets dan koi. Hoe die zender een avondvullend programma moet brengen? Makkie! Een “Docusoap over Sakai”, ”Cullen met Momotaro”, “Fuji, behind the scenes”, “Omasako the musical”, “Creatief met Bonzai”, “Nederkoi, ook best mooi” en ga zo maar door. Er is zat te bedenken om ons, koi-junkies, aan de platte buis te kluisteren. We zijn al tevreden als er een paar uur achtereen een camera op een mooie waterval staat gericht. Al is het maar als alternatief voor een digitaal knapperend haardvuur dat steeds meer Nederlanders, bij gebrek aan wat beters, op hun plasmaschermen toveren.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 24 - Nostradames; Eat your hart out!
We schrijven het jaar 1891. Het leven is eenvoudig en sukkelt gestaag voort. Een waarzegster, ergens op een marktje, kijkt in haar glazen bol en doet een merkwaardige voorspelling aan bloemenkoopman Feijen. Over ongeveer honderd jaar, zo halverwege de oogstmaand, zal zich jaarlijks in het Oosten, een merkwaardig, bijna Bijbels, voorval gaan afspelen. Een bonte stoet pelgrims verzamelt zich dan rond een eeuwenoud kasteel. Als door een magneet worden deze bedevaartsoordgangers naar die ene plek getrokken en er is niemand door wie ze zich laten tegenhouden. Een ratjetoe van zeer divers pluimage betreedt dan de heilige grond rond het kasteel.
Voor negen dagen, zullen alle kasten, rangen en standen vervagen. Een siddering trekt door het anders zo vredige dorpje, als het bruut gewekt zal worden uit haar slaperige bestaan ten gevolge van de toegenomen bedrijvigheid. Ongeacht de afkomst, spreken alle vreemdelingen dezelfde taal, die zich nog het beste laat omschrijven als een mengelmoes van streekdialecten, doorspekt met vreemde Oosterse kreten. Uit ervaring weet de locale bevolking dat het gevaar gering is, maar…hier staat iets groots te gebeuren! Dit mag gerust het achtste wereldwonder worden genoemd! “Is er al wéér een jaar voorbij?”, zucht een oud mannetje, als zijn rust wreed wordt verstoord terwijl hij zit te genieten van het zonnetje op een bankje naast de kerk. De plaatselijke bakker zal volop aan de bak moeten en heeft de molenaar opdracht gegeven tot het malen van extra koren. Koren op de molen van de molenaar die zal moeten jagen om genoeg te malen. Daar maalt de jager niet om, zijn zorg is om voor voldoende vlees te zorgen uit de uitgestrekte bossen van Noord Limburg. De rest van de dorpelingen bekijkt het allemaal argwanend en op ruime afstand. Naarmate de week vordert, stromen de kampementen in de wijde omgeving vol. Een niet aflatende stoet pelgrims zal de dorpsgrenzen passeren met maar één doel: Het bereiken van dit Lourdes der Lage Landen. Het dorpje, met als middelpunt dat geheimzinnige kasteel, zal langzaam in een soort Mekka veranderen, terwijl de bevolking groeit en groeit. In een paar dagen herrijst op de gewijde grond een tentendorp dat zijn weerga niet zal kennen en veel weg heeft van een legerkamp uit de oude Romeinse tijd. Jouw achterkleinzoon zal op de zevende dag, de poort openen. En Hij zag, dat het goed was. Het hoogtepunt wordt dan bereikt en zal maar liefst drie volle dagen aanhouden. Drie dagen, waarin het pittoreske dorpje volledig in de greep wordt gehouden van dit spektakel. Alle paden richting het kasteel zullen muurvast staan. Op elke onbegroeid plekje zullen rijtuigen, schots en scheef door elkaar staan. Geen veldwachter die dat in goede banen kan leiden. Bijna even plotseling als het allemaal begint, zal het ook weer voorbij zijn. Diepe zuchten van opluchting zullen door de omgeving gonzen en het rustieke dorpje kan weer verder sukkelen in haar dagelijkse beslommeringen, alsof dit mirakel nooit heeft plaatsgevonden.
De waarzegster prevelt tot slot nog, dat dit nog maar het begin zal zijn en dat dit fenomeen zal uitgroeien tot het grootste evenement ter wereld. Marktkoopman Feijen hoort het allemaal wat dommig grinnikend aan. Zèlfs zijn goedgelovigheid kent grenzen!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 23 - Second Life.
Wanneer vroeger de dingen niet zo gingen als ze moesten gaan en het leven structureel de pik op je had, bleef er uiteindelijk nog maar één optie over. Je sprong noodgedwongen voor de trein. Tegenwoordig is er echter een alternatief. Gelukkig maar, want met de huidige vertragingen bij de NS wordt er door de zelfmoordoptanten alleen nog maar tijd gedood. Als oplossing voor je miserabele leven kun je jezelf tegenwoordig een tweede leven aanmeten. De virtuele wereld “Second Life”, werkt dan ook als een sterke magneet op de hedendaagse, door puisten en pesten geteisterde pubergemeenschap. Second Life is, voor de digibeten onder u, een virtuele wereld. Compleet met winkels, huizen en hotels, vormt dit een andere dimensie waar je via het internet aan kunt deelnemen. Je meet jezelf een nieuwe persoonlijkheid aan en bent vrij om te kiezen welk ras, welke leeftijd, welk uiterlijk en zelfs welk geslacht je aanneemt. Vervolgens begint een nieuw, spuitjeslucht vrij leven zonder saaie verplichtingen als school, huiswerk, zeurende ouders en door gierende hormonen geteisterde, treiterende klasgenoten. Ineens kun je wél die populaire jongen zijn, of de popster van de poster op je kamer. Fantastisch! Toch?
Zou het niet geweldig zijn als er een add-on (uitbreiding) kwam met de naam “Second Pond”? Een virtuele vijver, in zijn ontwikkeling niet gehinderd door ruimte-, of geldgebrek? Pak hem beet, driehonderd kuub vol met de allerhoogste kwaliteit, supertamme koi, in een prachtige Japanse tuin waar de zon altijd schijnt? Een gegarandeerd glasheldere vijver, waarvan het energiegebruik beperkt blijft tot het verbruik van uw computer, hoe hoog en breed u de waterval ook wilt maken? Een plek waar u ongelimiteerd aan de vijverrand kunt genieten van anderhalve meter grote, topkwaliteit Go Sanke en een breed assortiment van de meest exotische, zelf verzonnen, variëteiten? Geen voerlimiet en toch superieure waterkwaliteit zonder foeilelijke filterinstallaties? Drie keer op rij de Grand Champion titel in je zak steken en alle eerste prijzen van de 248 variëteiten op de All World Show in de wacht slepen. Heerlijk! Of niet dan?
Toch ben ik bang dat een dergelijke wereld stierlijk gaat vervelen. Wie moet er juichen, als iedereen een popster is? Tegen wie moet je pochen over je vijver als een ander met drie muisklikken een nog grotere en mooiere kan virtualiseren? Er is vast ook wel een psychiater, die dit vluchten voor de realiteit, onderbouwd afkeurt. Voor bepaalde mensen weliswaar een mogelijkheid om iemand te zijn die ze in het dagelijkse leven nooit zullen worden, maar ook een vrijplaats voor pedofielen en gefrustreerde geesten die hun afwijkende sexuele driften of agressie willen botvieren. Niemand is meer wie hij zegt dat hij is. Het zal waarschijnlijk dan ook niet lang duren, alvorens de eerste computervirussen als “Koi Herpes Virtueel (KHV)”, slachtoffers eisen in Second Pond. Of dat een idioot, die zijn bits en bytes niet op een rijtje heeft, uw Second Pond vergiftigt of opblaast. Wat dat betreft is de drempel in de virtuele wereld nóg lager dan in de werkelijkheid. En zeg nu zelf, een wereld zonder KoiVijverAdviesdienst is toch ook oersaai?
Vandaar dat ik heb besloten er een einde aan te maken. Waarschijnlijk ben ik één van de eersten die digitaal zelfmoord heeft gepleegd in Second Life. Ik heb de pas gegraven kuil van mijn Second Pond laten instorten met mijn alter ego er nog in. Enkele grapjurken hebben hierop, als virtuele grafsteen, een bordje geplaatst met de tekst “Game Over!”
We willen allemaal het beste voor onze koi en dat kan héél ver gaan. Goed voer is nooit goed genoeg, er moeten altijd additieven worden toegevoegd. Al is het maar voor het idee of het gevoel. En ook in de koihobby werkt het placebo-effect uitstekend. Uitspraken als “Sinds ik de koi nog uitsluitend graancirkelbrood voer, paaien ze drie keer per zomer”, kun je zomaar verwachten van een fanatieke hobbyist die daar zonder blikken of blozen heilig van overtuigd is. “Soms smeer ik daar nog wat wilde klavertjesvierhoning op, daar gaan ze goed van glimmen”. “Witte truffels zijn goed voor het Shiro en Edelweiss goed voor de weestand”. Jongbroed wordt uitsluitend gevoerd met de eierdooiers van kolibries.
Het mag wat geld of moeite kosten. Volop knoflook wordt gevoerd omdat de parasieten op de huid van de koi dit een nare lucht zouden vinden. Wel eens een ééncellige met een neus gezien? Ook het uitstekende water waar we hier in Nederland mee gezegend zijn, is nooit goed genoeg. Liters ascorbinezuur (vitamine C) gaan het water in. Ter compensatie van de zuurgraadverlaging die hiermee gepaard gaat wordt kwistig met de pot KH+ gestrooid. Wonderklei met als nadeel dat het water troebel wordt en de bodemdrain dichtslibt, wordt gecompenseerd met sludge busters en zandfilters om het er weer uit te krijgen.
Ik krijg daar een beetje het zinloze gevoel bij van die ene groep gevangenen die een kuil moet graven, terwijl de volgende groep hem weer dicht gooit. Nu heb ik niets tegen relatief onschadelijke middeltjes als klei, knoflook en vitamine C in uw vijver, sommige kunnen misschien best toegevoegde waarde hebben, daar ga ik niet over oordelen. Wat mij betreft valt er echter uitstekend te vijveren met voldoende vers water, kwalitatief hoogwaardig voer, een goed filter en een stressvrije omgeving. Ik gooi nooit “iets” in mijn water en dat gaat (afkloppen) al vele jaren uitstekend.
Veel kwalijker wordt het echter, als u schadelijk algenmiddeltjes gaat gebruiken, of “medicijnen” zonder juiste diagnose of zonder het zoeken naar en wegnemen van de oorzaak. Ongelooflijk dat in de 21e eeuw nog steeds preventieve kuurtjes worden gebruikt en zelfs geadviseerd. Wanneer leren we nu eens dat het geld van al die middeltjes beter besteedt kan worden aan vers water? Voor de gemiddeld 30 euro voor een “middeltje”, kunt u ruim 20 kubieke meter “wereldwater” van het waterleidingsbedrijf afnemen. Kraanwater dat in Nederland van ongeëvenaarde kwaliteit is. Voor een vijver van 10 kubieke meter is dit doorgaans genoeg om 20 weken water te verversen.
Dat “middeltje” hebt u in die tijd misschien al drie keer bijgekocht. Tel uit uw winst! En doe dat tellen niet alleen in geld, maar ook in koigezondheid en niet te vergeten uw plezier aan een levendige gezonde kleurenpracht in de tuin. Daar was het tenslotte toch allemaal om te doen? Dat was toch de reden dat uw partner goedkeuring gaf aan het project koivijver? U een vijver om te onthaasten en uw wederhelft thuis een gezellige, ontspannen partner. Op een stresskip, hopeloos gevangen in een neerwaartse spiraal, omdat het ene gat met het andere gedicht moet worden, zit toch niemand te wachten?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 21 - Langs het tuinpad van mijn vader…
Omdat mijn voorraad oranje pilletjes op is, ga ik even langs de zielenknijper voor een herhaalrecept. Daar aangekomen blijkt dat de regressietherapie deze week extra airmiles oplevert. Omwille van mijn omgeving, die zich nog steeds afvraagt waar toch mijn koifanatisme vandaan komt (persoonlijk is me dat worst) besluit ik terug te keren “nàh vroegâh” (ik had in die tijd nog een hopeloos Haags accent). Starend naar een pendel zak ik langzaam af naar het verleden.
Vaag doemen de contouren van het tuinhuisje van mijn ouwelui op. Ik ben zes jaar. U kent dat wel, een arbeidersgezin dat bij gebrek aan het grote geld en het kleine dorp, in een flat woont, maar toch ieder weekend graag in de bagger wil wroeten. Althans, dat is wat mijn moeder mijn vader jaren lang heeft doen geloven, omdat hij zo gek is met zijn tuintje. Achter het tuinhuisje loopt een sloot, welke op ons, zesjarigen, natuurlijk een onweerstaanbare aantrekkingskracht uitoefent. Samen met mijn neefje sta ik stekelbaarsjes, watertorren, libellenlarven en kikkervisjes uit de, door waterpest overwoekerde, sloot te vissen met een schepnetje. We stoppen ze in allerlei glazen potjes om ze goed te kunnen bewonderen. Aan het eind van de dag laten we onze vangst met pijn in het hart weer vrij in de sloot, ons niet realiserend dat we die met hetzelfde enthousiasme de volgende keer weer zullen opvissen. Plotseling ben ik bij mijn oom op visite en tuur, als door een magneet aangetrokken, urenlang in zijn aquarium. Ze hebben bij die bezoeken geen kind aan me. Als bij toverslag ben ik in mijn ouderlijk huis. Het is feest, ik ben vandaag 8 jaar geworden. Dank u! Ik krijg een plastic bakkie met guppen en ben de koning te rijk. Het bakje is uiteraard onverwarmd en ik heb geen sjoege van waterkwaliteit. In het begin levert dit de nodige teleurstellingen op. Later, ik ben inmiddels een jaar of negen, heb ik het spelletje al veel beter door en blijf stiekem ‘s nachts op als ik vermoed dat er jonkies geboren zullen worden. Het ergste dat me is overkomen, is een hoogzwanger guppenwijfje dat ik ’s morgens, half verdroogd, naast het bakje vind. Op mijn vijftiende bezit ik drie grote aquaria en een bed, meer past er niet in mijn kamer. De kledingkast staat op de gang en het resonerende geluid van de Eheim pompen gonst door het hele huis. Achteraf wonderlijk dat mijn ouders dat allemaal maar goedvonden. Bedankt hoor, pa en ma! Halverwege de jaren 80 hang ik bijna iedere zaterdag rond in “de Aquariaan”, een aquariumwinkel in Den Haag, terwijl mijn vrienden hun tijd in de snackbar doden. Eind jaren 80 zwemmen er nieuwe vissen in de grote koudwaterbak bij de ingang. “Dat is iets nieuws uit Japan”, laat ik me vertellen; “Koi”. Ik ben op slag verliefd.
Terug in het heden. Mijn zoon heeft sinds kort, naast twee aquariums, een vijver op zijn kamer. We gaan op pad om deze te bevolken. Om het “vak” te leren, starten we met Sarassa, de Kohaku onder de goudvissen. Pa mag sponsoren en natuurlijk mag “de Aquariaan” niet aan onze route ontbreken. Tot mijn stomme verbazing werkt daar nog steeds dezelfde gepassioneerde verkoper van dik 25 jaar geleden. Hij herkent mij natuurlijk niet en ik laat dat maar zo. Als bij donderslag zie ik “mijn oude ik” heel sterk terug in mijn zoon, die zich staat te vergapen aan de bakken. Tegelijkertijd besef ik dat ik mijn eigen vader ben geworden. “Wat is er Pa?” vraagt Davy. “Niets” krijg ik er met moeite nog net uit, met weemoed terugdenkend aan mijn eigen fijne jeugd. Mannen en visjes. Zit het er eenmaal in, dan gaat het nóóóit meer over……
Joop “GinRin” van Tol.
Koilum 20 - Water naar de zee dragen
Uit het dagboek van een startende hobbyist.
3 april. De nieuwe vijver draait eindelijk na veel noeste arbeid. Ik gooi een bus bacteriën in poedervorm in mijn vijver (€ 22,95) om de filter op te starten. Via marktplaats scoor ik op verschillende adressen voor een leuk prijsje 10 koikarpers.
24 april. Mijn waterwaardes laten meten bij het tuincentrum. Er wordt ammoniak gemeten, dus nog een bus poederbacteriën (€ 22,95) gekocht. Ook vond men mijn KH van vijf wat laag, dus een bus KH+ aangeschaft (€ 19,95). Tevens een doosje van die handige “all-in-one” waterteststrippen (21,95) meegenomen. Kan ik voortaan zelf meten.
20 mei. Gek word ik van die algen, terwijl mijn waterwaardes nu goed zijn. Ik snap er niets van. Gelukkig heeft een dealer hier in de buurt daar een poedertje met geheime ingrediënten voor (€ 35,00). Als ik weer wat gespaard heb, dan ga ik zo’n apparaat kopen dat koper-ionen aan het water afgeeft.
31 mei. Geen algje meer te bekennen, maar nu meet ik weer ammoniak en zijn mijn vissen aan het schuren. Bij het tuincentrum koop ik een zak zeoliet (€ 24,95), een bus poederbacteriën (€ 22,95) en een goed medicijn, dat tegen alle ziektes helpt (€ 28,50). De zeoliet plaats ik in de laatste filterkamer, en ik gooi de bacteriën en het medicijn in het water. Het water krijgt een mooie fluorescerende groene kleur.
10 juni. Gelukkig, de vissen schuren niet meer. Echt zwemmen doen ze trouwens ook niet meer. Zeker te warm voor ze. Ik jaag ze een paar keer op met een net om ze wat te activeren. Om de kleur uit het water te halen koop ik een grote zak actieve kool (€ 42,50) en plaats die ook in de laatste filterkamer.
5 augustus. Verdorie, nu schuren die vissen wéér. Maar niet getreurd, de medicatie hielp vorige keer goed dus ik haal nog een fles (€ 28,50). Ik doseer voor de zekerheid maar dubbel. Daarnaast voeg ik flink wat zout toe aan de vijver, om de slijmhuid te stimuleren, dat las ik op internet.
6 augustus. Twee dode vissen. Water gemeten. Een gigantische ammoniakpiek! Flink water ververst en een Ammoniakbindend middel gehaald (€ 16,95). Nu las ik dat ammoniak minder giftig is bij een lage pH, dus tevens een fles pH- gekocht (€ 21,95).
28 augustus. Vijf dode vissen sinds 6 augustus. Ik ververs toch veel water, de kraan staat iedere week zeker een kwartier open en ik voeg na iedere verversing 25 kilo zout toe. Wel merk ik dat ik KH+ en pH- kan blijven kopen (€ 19,95 + € 21,95) want die KH blijft hardnekkig zakken als ik pH- in het water gooi en de pH stijgt als ik KH+ in het water doe. De vissen schuren niet meer, maar hangen voor de uitstroming van de filter. Ze hebben een soort grijzige waas over het lichaam. Een anti schimmelmiddel (€ 17,95) zal uitkomst moeten bieden.
02 september. De laatste drie vissen zijn gestorven. Honderden euro’s aan middeltjes en niets helpt. Stomme hobby!
03 september. De vijver dichtgegooid en begonnen met de bouw van een volière.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 19 - Wil de echte parasiet nĂş opstaan?
De microscoop is voor mij persoonlijk de voornaamste reden dat ik me fanatiek op het onderwerp visziektes, als onderdeel van de koihobby, ben gaan storten. Gefascineerd vele uren turen en me telkens weer verbazen over de wonderbaarlijke microwereld. Nog altijd kan ik enthousiast raken als ik wéér een “nieuwe diersoort” ontdek. Daar hoef je echt niet voor naar een ongerept stukje jungle in de Amazone, of op duikexpeditie rond een schiereiland van Nieuw Guinea.
Tijdens mijn K.V.A. bezoeken moet ik er zelfs voor waken, dat ik niet te enthousiast reageer als er een prachtige Trichodina door het beeld zweeft, ik live getuige mag zijn van de ontroerende geboorte van een huidworm of als een groepje Costia speels door elkaar peddelt. De probleemeigenaar zit natuurlijk niet te wachten op vreugdekreetjes van een malloot die “opgewonden” raakt bij het zien van een parasiet die zijn vissen terroriseert.
Bij gebrek aan zieke vissen kan overigens wat vuil uit de filter uitstekend dienst doen als surrogaat. Hiermee wordt toch het wekelijks benodigde shot microscoopstaren gescoord. Een schitterende wereld dus, die zich afspeelt op een sciencefictionachtig landschap, vlak onder onze neus. Honderden, soms bizarre, soms oerlelijke, soms “vieze” en soms wonderschone levensvormen geven zich bloot en vertonen hun kunstjes onder de kunstmatige vergroting. Zich onbewust van het feit dat ze hierbij gadegeslagen worden door een gigantisch groot monster.
Soms slaat mijn fantasie op hol, en vraag ik me af of ons zonnestelseltje ook niet ergens onder de microscoop ligt en er door een intelligent reuzenras met verbijstering naar het primitieve gedrag van ons mensen wordt gekeken. Wij moeten wel dé grootste parasieten uit ons melkwegstelsel zijn. We hebben het immers in een kleine honderd jaar voor elkaar weten te krijgen om een complete planeet te molesteren. We zijn, voor zover ik weet, de enige parasieten die niet louter uit zelfbehoud op andermans zak teren. Mogelijk beraden deze reuzen zich wel over een “effectieve” manier om de plaag, die zichzelf “mens” pleegt te noemen, te bestrijden, zonder al het andere delicate leven op aarde te moeten vernietigen. Ze zullen toch minimaal het doel hebben om te voorkomen dat dit inferno overslaat naar andere zonnestelsels?
Mogelijk is het zwarte heelal om ons heen niet meer dan de wand van een enorme quarantainebak, zo bang is men dat we op termijn zullen uitvliegen om ons destructieve werk elders voort te zetten. Al jaren worden we gadegeslagen door nanobots, die wij, bij gebrek aan inzicht, UFO’s noemen. De Spaanse griep, een brouwsel van deze reuzen, kreeg ons er niet onder, evenmin als de pest, de pokken en allerlei andere probeersels om ons selectief uit te roeien. Eigenlijk dezelfde, niet te winnen strijd, die wij met de parasieten op onze koi voeren. Onze zwakke plek was niet zo moeilijk te vinden. Onder een heel dunne schilletje met de naam beschaving, dat ons net als de slijmhuid van een vis beschermd, maar dan tegen het doen van “kwade dingen”, blijkt een woeste niets ontziende barbaar schuil te gaan. Door hier en daar strategisch dit schilletje te verwijderen (ik noem een Hitler, Attilla, Bush, Mao en Stalin) komt de ware aard boven en slaat binnen de kortste keren de vlam in de pan. Er blijkt namelijk verdomd weinig nodig te zijn voor homo sapiens om elkaar af te slachten. Innovatief als we zijn doen we dat echter iets te fanatiek naar de zin van deze reuzen, enpassant slopen we namelijk de halve planeet met ons steeds effectiever oorlogstuig. Ik ben daarom benieuwd wat hun volgende stap zal zijn. Eén ding weet ik zeker. Ze zullen ons er nooit onder krijgen! Tegen een parasiet als de mens is geen kruid gewassen……
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 18 - Het groot Koidictee der Nederlandse Taal
Voor de grap een keer meegedaan aan het “Groot Dictee der Nederlandse taal”? Ook zo gefrustreerd dat vrijwel ieder jaar één van onze zuiderburen met de hoogste eer strijkt? Persoonlijk denk ik, dat ook hier geldt, dat oefening kunst baart. Natuurlijk oefent het veel lekkerder als het over koi gaat. Tevens het “Gròtuh Hââgsuh Dikteé” dat hier traditioneel op volgt. De “vertaling” voor als u geen van beiden kunt lezen is bijgesloten.
Sterkte…
Nishikigoi voor Neerlandici. Een welslagende biotoop rond de periferie is door lacune voorwaar geen sinecure. Suburbanisatie echter, compliceert de communicatie met gelijkgestemden. Zijn wij echter zo coulant dat we onze eruditie willen distribueren onder lotgenoten of limiteren we ons louter tot de eigen perikelen? Weteringmanagement is de passe-partout tot prosperiteit, dat is perceptibel, dus allengs bekend. Desniettegenstaande blijft de koihouderij een gecompliceerde aangelegenheid met vele impedimenten welke velen tot aporie drijven. Met veel persistentie geeft een petieterige clan echter geen krimp en houdt weloverwogen stand. Helaas ligt de genese van de koihobbyist frequent bij tuincentra, waardoor ten gevolge van een manco in de retoriek der tewerkgestelde abituriënt, veel misère kan verrijzen. Veelal wordt hierdoor, door de potentiële adept, vroegtijdig de spreekwoordelijke calumet aan Maarten overhandigd. Een wellicht geapprecieerd, Nishikigoi Sociëteit der Lage Landen lid, gaat dientengevolge frustratoir doch inevitabel verloren. Toch gloort er hoop aan de kimme. Homo Sapiens Alveus wordt door het lezen van het opiniërend magazine “KOI” allengs kiener. Met als repercussie dat de Koi langer in vivo blijven.
Kârpah voâr De Hââgh. Hèt bleìf een klotùhbaan om in De Hââgh een veìvah te bâwe met al die drukke teringzooi enzo. Doâhdat iedaheen pleîtheine gaat naar Iepenbûràgh kenje oâk bijna niemand meâr wat vraguh. Trâwus ik vertel zelf âuk geen ene rùk meâr aan die klôothommels, ik bemoei me lievah met me èìguh tíévusbendûh. Je mot je watâh zuivâh houwuh, dat weet togh iedarah boerahlul! Tog blìjf ut een grafbâhn, wah je behogluk temmus van ken wôgde. Sommaguh van die megoluh blèivuh ut ùitèinduhluk tog prôberuh. Tis ruk dat veel begînnahs bìj van die graftuinschuâhruh ankloppuh, wâhr zoown van schol getraptù mêgool geen ruk weet van kârpags. Gèk hè, dat die lijpuh dur vroegtìjdagh mee nokkuh? Weâr een klojo mindah voâr die klotuhclub. Tog komp ut wel goed hoâr, doâh af en toe in dat klôtuhblaadje “KOI” ter gluren, blèìvuh die baggâhvissuh langah in lèivuh.
Koi voor de rest. Een succesvolle vijver bouwen in de grote stad is door het gebrek aan ruimte moeilijk. Doordat veel vijveraars de stad verlaten, valt het daar nog niet mee om met medehobbyisten in contact te komen. Willen wij trouwens onze kennis wel delen, of houden we die liever voor onszelf? Watermanagement is de sleutel tot succes. Dat is gemakkelijk waar te nemen en bij bijna iedereen wel bekend. Toch blijft het houden van koi er een van veel obstakels, die velen tot wanhoop drijven. Met veel doorzettingsvermogen houdt een kleine groep nieuwelingen het toch vol. Helaas komen veel mensen bij tuincentra voor het eerst in contact met koi, waardoor door onbekwaamheid van de te werk gestelde schoolverlater veel ellende kan ontstaan. Vaak wordt hierdoor, door de nieuwe koiverslaafde, vroegtijdig de pijp aan Maarten gegeven. Een mogelijk toekomstig en gewaardeerd lid van de Nishikigoi Vereniging Nederland gaat onherroepelijk verloren. Toch gloort er hoop aan de horizon. De vijveraar wordt steeds slimmer. Door het lezen van het magazine “KOI”, kunnen de koi een langer leven tegemoet zien.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 17 - Desillusie
Goed voorbereid was ik zeker. Blakend van zelfvertrouwen zelfs. De dag ervoor nog speciaal voor de tweede keer de cursus Koi Kopen bijgewoond. Met een gevoel van “dit varkentje was ik wel even” liep ik zondag 11 februari zelfverzekerd in Arhnem binnen bij de studiemiddag koivergelijking. Arrogant genoeg om Marian mee te nemen, zodat ze me na afloop van de dag op een (nog hoger) voetstuk kon plaatsen. “Doe ook voor de gein mee joh”, motiveerde ik haar nog op de heenweg, “wat maakt het nu uit als je het slecht doet. Lang niet iedereen is zo achterlijk fanatiek met Koi bezig als ik hoor”. De hele rit pochte ik met allerlei dure termen als motoguru, kuchibenni, secundairy Hi, sachi, kiwa, shimmy en odome. Zogenaamd bedoeld als spoedcursus maar in werkelijkheid om een staaltje onvervalste koikennis te kunnen spuien.
In zes vats zaten telkens drie vissen van dezelfde variëteit. De opdracht was simpel: bepaal per vat de nummers één, twee en drie. Pfff, eitje, ik was van de seminars op de Holland Koi Show zes vissen per vat gewend en deed het daar de laatste jaren niet onverdienstelijk. Uiteraard deed ik in Arnhem (als bestuurslid) buiten mededinging mee, waardoor de hoofdprijs, een koi van maar liefst 500 euro, natuurlijk aan mijn neus voorbij zou gaan. Maar, bescheiden als ik ben, was de hoogste eer voor mij voldoende. De koi zou ik met een grotesk gebaar aan de nummer twee overdragen.
Voorafgaand aan de keuring was ik natuurlijk niet te beroerd om bij de verkoopbakken hier en daar nog wat tips mee te geven aan de overige 49, gemotiveerde maar natuurlijk kansloze, deelnemers. Uiteraard niet opdringerig, maar onopvallend en uiterst bescheiden probeerde ik tussen neus en lippen door het niveau van de overige kandidaten nog een beetje op te krikken. Marian was tijdens de beoordeling helemaal op zichzelf aangewezen. Ik wilde niet de illusie wekken dat ik haar zou voorzeggen en de vis alsnog in de vijver van huize “GinRin” zou belanden. Om het voor mezelf nog enigszins aantrekkelijk te maken, besloot ik niet meer dan twee minuten de tijd te nemen per vat. Op die manier bouwde ik voor mezelf dan toch nog een zekere moeilijkheidsgraad in. Iets later dan gepland leverde ik mijn formulier in bij regiocoördinator Franc.
De uitslag kwam als een mokerslag. Van de 18 vissen had ik er zeven goed. Een kansberekening leert, dat als je alles zou gokken, je er gemiddeld zes goed zou hebben! Daar zat ik dus maar nèt boven! Veel erger was nog, dat Marian er óók zeven goed had. Een ervaring rijker, maar een illusie armer droop ik af. Ondertussen murmelend dat het wel aan de Japanse judge gelegen zou hebben, of aan het licht, of aan het geroezemoes, maar zeker niet aan mij…..
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 16 - China: Land van uitersten
We werden als koningen, neen als goden ontvangen en tot in het belachelijke verwend met superchique hotels en exorbitant luxe diners. Niets was te gek. Chauffeurs, bediendes en zelfs personal assistants. Het ontbrak ons werkelijk aan niets! Je kreeg de kans niet om zelf ook maar een deur open te doen, of bij wijze van spreken je eigen veters te strikken. Je eigen kont afvegen werd (gelukkig) oogluikend toegestaan. Zeven deuren in een hotel betekent zeven man personeel om die open en dicht te doen! Een parkeerterreintje naast het hotel voor 20 auto’s had vier man personeel om het verkeer te leiden. Drie liften, dus drie liftboys. Met 12 man dineren, dan ook 12 obers. Blijkbaar is een arbeidskracht goedkoper dan een paar lijnen op het asfalt, een simpele bewegingsmelder, een leesbaar bedieningspaneel of een wat groter dienblad. Ted beschreef de positie van “de gewone man” in communistisch China treffend: “Iedereen heeft recht op werk, als het er niet is, dan verzinnen we wel wat”. Hij doelde hiermee op de vele nutteloze baantjes.
In het begin wordt je gestoord van die vent die de hele dag om je heen loopt te draaien en probeert te voorspellen wat je volgende “move” is, zodat hij kan anticiperen op zijn te leveren bijdrage daarin. Als je maar slikte of kuchte had je al een verse fles koud water (ochtend) of bier (middag) in je handen. “Hij vind je lief, Jopie”, waarschuwde Jeroen me gekscherend (Jeroen komt overigens nog uitgebreid terug op onze avonturen in Azië). Wierp je een blik richting auto, dan zwaaide het portier al open. Als nuchtere Hollanders heb je dan al snel zoiets van “doe even normaal!” Het slaventijdperk ligt toch ver achter ons?
Toch heeft een dergelijke persoonlijke assistent het aanmerkelijk beter dan de gemiddelde bouwvakker, die ARBO-loos en onverzekerd dagelijks zijn leven in de waagschaal stelt op een acht verdiepingen hoge, bamboe steiger. Geloof het of niet, maar het is een goedbetaalde erebaan. En ach, we schikten ons daarom maar in ons “lot” en ondergingen de luxe gedwee. Onder protest uiteraard ;-) Dat luxe snel went, bleek wel toen we China verlieten en landden in Taipei. Wat verdwaasd staarden we naar de bagageband en vroegen ons verwonderd af waar die “mannetjes” nou waren gebleven om onze koffers te sjouwen.
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 15 - Vier wijzen in het Oosten
Dit najaar vertrekken we met vier wijzen naar het Oosten. We zijn echter niet van plan met Mirre, Wierook en dat soort troep te gaan slepen. Het plan is om de Koiscene in Taiwan, Thailand en China eens onder de loep te nemen. Neen, maakt u zich geen zorgen, er gaat geen cent uit de verenigingskas mee, deze trip is niet gesponsord. In gedachte hoor ik een enkeling al weer “snoepreisje” murmelen. Het is de bedoeling dat we daadwerkelijk gaan meewerken op de plaatselijke farms. Oogsten, selecteren enzovoort.
Ff naar China, het klinkt simpel, maar dat is het niet. Door mijn ziekelijke nieuwsgierigheid ben ik, nadat we enthousiast “ja” riepen op het idee van Toën om China aan te doen, een avondje gaan Chinezen op Google. Binnen een kwartiertje leerde ik twee dingen, waar onze regelneef ff niet aan gedacht had.
1): Je moet een rits inentingen hebben, waarvan de gedachte je alleen al ziek maakt. 2): Zonder visum zet je geen stap in dat landje.
Een afspraak met de tropendokter was snel gemaakt. De man keek al redelijk bedenkelijk toen ik het gebied op de kaart aanwees waar we naar toe gingen. Toen ik hem vertelde dat we daar ook nog eens een groot deel van de tijd gingen doorbrengen in het oppervlaktewater én we mogelijk onder redelijk primitieve omstandigheden bivakkeerden, zag het velletje papier waarop hij bijhield welke inentingen ik nodig had al snel zwart van de kruisjes. Difterie, Tetanus, Polio, Hepatitis, Gele Koorts, Cholera, Tyfus murmelde de arts. Ik meende een liedje van de tribunes van het ADO Den Haag stadion te herkennen en begon vrolijk mee te zingen. Half platgespoten, als een bij de methadonbus weggetrapte junk, stond ik een half uur later buiten met de mededeling dat ik nog drie keer terug mocht komen. Lekkerrrrrr!
In een sociale bui bood ik aan de visums voor mijn medepassagiers wel even te regelen, de Ambassade zit hemelsbreed drie kilometer bij mijn werk vandaan. Hoe moeilijk kan dat zijn, dacht ik nog. Formuliertje downloaden, invullen, ondertekenen, passpoorten verzamelen, allemaal een extra pasfoto inleveren (helemaal niet nodig, maar ik wilde altijd al graag een foto van Ted) en Jopie was op weg naar de Chinese ambassade.
Poging 1, dinsdagochtend 10:00 uur. Een vrolijk pamflet op het hek vertelt dat het in China dinsdag en woensdag feestdagen zijn, dusssss….de ambassade is gesloten.
Poging 2: donderdag 9:00 uur. Het lijkt Chinatown wel, het ziet letterlijk zwart van de mensen, tot ver buiten de ambassade. Alle 1,2 miljard Chinezen blijken in Nederland te wonen en willen vandáág een visum! Parkeren is in een straal van 200 kilometer godsonmogelijk.
Poging 3: vrijdag 8:00 uur. Ik ben niet de eerste, verre van zelfs. We (ik en een 100 tal anderen) verzamelen ons voor het hek, de ambassade gaat immers pas om 9:00 uur open. Tegen openingstijd staan we met een dikke 300 man en begint de run op de nummertjesautomaat. Met een aantal gemene slidings, het nodige ellebogenwerk, drie tackles, een kopstoot en de dreiging met een vuurwapen (aansteker in m’n jaszak) bemachtig ik nummertje 62, babi gangbang met mihoen. Drie uurtjes later (waarom zou je meer dan één loket opendoen) ben ik aan de beurt en verlaat ik na de gebruikelijke “sambal bij?” het pand. 140 euro lichter, maarrrrr vier stempeltjes rijker. Koitrek goes Asia……..Again!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 13 - Onbezoldigde responsabiliteit
Misschien hebt u zich wel eens verkneukeld als de handel, de overheid, de kweker of zelfs uw partner in deze Column op de hak werd genomen?
Vandaag bent u aan de beurt!
Hebt u enig idee hoeveel werk er in het besturen van de mooiste vereniging van Nederland gaat zitten? Nee, maakt u zich geen zorgen, dit wordt geen klaagzang. Nou ja, misschien een beetje. Natuurlijk hebt u gelijk als u zegt dat we daar zelf voor kiezen. Aan de andere kant, als er niet een aantal mensen gek genoeg is om de kar te trekken, dan moet u door het leven zonder dit prachtblad. Je moet er toch niet meer aan denken om in dat zwarte gat te vallen?
Toch weet je van tevoren niet helemaal waar je aan begint. Zo ben ik er bijvoorbeeld van lieverlee vanzelf ingerold. Bij mij begon het met een melig verhaal over de bouw van mijn vijver, welke ik in een balorige bui eens op een internetforum had gepleurd. Dit verhaal werd “gespot” door headhunter Toën, opperhoofd der Nishikigoi Vereniging Nederland. “Geinig stukkie, mag het in ons blad?”, mailde hij me. Zelf was ik nooit op het idee gekomen om ook maar iets te gaan schrijven voor nota bene mijn eigen lijfblad. Behoorlijk vereerd stemde ik direct toe en zegde tussen neus en lippen door nog een aantal vervolgdelen toe. De “Overpeinzingen van een Koigek” waren geboren.
Tijdens de gevorderde cursus visziekten in Barneveld, wist Guus, nu penningmeester maar toen nog KVA (KoiVijverAdviesdienst) coördinator, me te overtuigen dat ik niet aan het KVA-team mocht ontbreken. Ik weet het, ik kan geen nee zeggen. Op dat moment had ik nog geen idee dat ik enkele jaren later in het bestuur zou toetreden als redactielid en KVA coördinator. Voor je het weet vervul je naast je onderbetaalde fulltime dienstverband, een onbetaald parttime dienstverband.
Televisie? Hoe ziet zo een ding er ook al weer uit? Het kan raar lopen. En ach, zo heeft ieder zijn eigen verhaal. Wat wel een beetje jammer is, is dat al het werk van een vereniging meestal door slechts een handjevol mensen moet worden opgeknapt. Het maken van een blad, het organiseren van “The Biggest Koishow on Earth and Beyond”, het schrijven en geven van cursussen, het organiseren van lezingen, bezoeken, reizen en veilingen, het bijhouden van de website en het forum, de ledenadministratie, public relations, de KoiVijverAdviesdienst, de boekhouding, contracten, adverteerders, telefoontjes, de webwinkel, informatieverzoeken, honderden mailtjes, inkopen, investeringen, vergaderingen enzovoort, enzovoort.
Dit alles drukt op de schouders van hooguit tien personen (oké, twee handjes vol dan). Natuurlijk verwacht u voor die vijf tientjes per jaar ook nog eens topkwaliteit, én verdomd, die krijgt u nog ook! Toch zou het leuk zijn als er bij een oproep om extra “handjes” eens wat meer mensen zouden reageren, zodat er bijvoorbeeld bij een regioactiviteit wat meer ondersteuning zou zijn vanuit onze brede aanhang. Of dat de wat meer begenadigde schrijvers, ons eens op een mooi edoch zinvol stukje proza voor het blad zouden vergasten. Dit is overigens géén verwijt.
Zoals uit het bovenstaande valt af te leiden, ben ik er zelf ook min of meer toevallig ingerold. Stond ik er ook niet bij stil wat er vooraf ging aan het moment dat de postbode de KOI door de brievenbus wurmde. Had ik geen idee wat er georganiseerd moest worden voordat ik nietsvermoedend maar zwaar genietend door de kasteeltuinen van Arcen kon banjeren. Medelijden hoeft u met ons niet te hebben. We hebben er over het algemeen vreselijk veel plezier in.
Maar toch, probeert u zich eens iets meer lid van een vereniging te voelen, en wat minder abonnee. Alstublieft?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 12 - Koude prijzenoorlog
Soms heb ik het idee dat we met onze hobby dertig jaar terug in de tijd zijn beland. Krampachtig proberen fabrikanten en groothandelaren elkaar af te troeven met de nieuwste hitec snufjes op het gebied van filtratie. Niets ten nadele van deze ontwikkelingen hoor. Lang leve de vooruitgang! Maar ik kan het vergelijk met de tot de jaren ‘90 durende wapenwedloop tussen de USA en de voormalige USSR soms nauwelijks onderdrukken.
Zou het kunnen, dat alle voormalige dubbel en driedubbelspionnen uit die tijd, zich bij gebrek aan een baan op de koiwereld hebben gestort? Het zóu een verklaring kunnen zijn, voor het feit dat wanneer er iets nieuws verschijnt, er binnen no time allerlei klonen en afgeleide modellen de markt overspoelen. Meestal ben ik nog het meest onder de indruk van de naam van het nieuwe stukje technisch vernuft. De één nog klinkender dan de ander. The Solution, the Answer, the Easy, de Makkie en de Ernie, om er maar een paar te noemen. Mogelijk zijn de naweeën van de koude oorlog ook verantwoordelijk voor het spasme waarmee sommige handelaren reageren op het moment dat een andere handelaar in hun bijzijn wordt genoemd.
Het is te hopen dat de boel niet escaleert, liquidaties zullen uitblijven en het bij een koude oorlog blijft. Het IJzeren Gordijn zie ik in de koiwereld nog niet zo snel geslecht. Die voortdurende filterwedloop brengt wel een hoop concurrentie met zich mee. Een beetje concurrentie is natuurlijk voor ons, consumenten, alleen maar goed. Het rare is dat de prijzen, zoals bij een normale concurrerende marktwerking, maar niet naar beneden lijken te gaan. U kunt zich vast de recente supermarktoorlogen nog wel herinneren, waar dit wel het geval was, en waar wij als consumenten als lachende derden ongegeneerd van konden profiteren. Dat het geld vervolgens aan de pomp weer net zo hard uit onze zakken vloog, vergeten we voor het gemak maar even.
Zou er binnen onze hobby misschien sprake zijn van kartelvorming? Prijsafspraken? Hebben we niet dringend behoefte aan een klokkenluider, al dan met tussen-n? Maar ja, welke gek is gek genoeg om zich in deze poel des verderf te begeven. Dat zou toch een rare situatie zijn. Enerzijds elkaar aftroeven met nóg betere zeven en filters, en aan de andere kant afspraken maken om de prijs kunstmatig hoog te houden. Natuurlijk moeten de ontwikkelkosten worden terugverdiend heren, maar moet dat in één maand? Een wat lagere prijs kan tot dezelfde of zelfs een hogere omzet en nettowinst leiden, maar ik zal u met deze korte noodkreet niet met omloopsnelheden, naamsbekendheid, neveneffecten (oh ja, ik heb óók nog een zak voer nodig) en dergelijke lastigvallen. Soms vind ik het een wonderlijke situatie, wanneer achterloos méér euro’s worden neergeteld voor een kilo koivoer dan voor een kilo biefstuk. Overigens ben ik me zeer bewust van het feit dat het maken van kwaliteitsvoer een kostbaar procédé is. Maar hoe wordt dat toch “verkocht” aan de beheerder van de huishoudpot? Of is dit één van de geheimen tussen partners, welke angstvallig wordt stilgehouden? Een onuitgesproken gedoogbeleid wellicht? Wat een geluk voor de handel, dat onze hobby voornamelijk een mannenhobby is. Ik heb mezelf namelijk nooit op enig prijsbewustzijn kunnen betrappen, waarmee ik mezelf natuurlijk niet als een doorsnee afspiegeling van de mannelijke samenleving wil kenschetsen. Ik bedoel, wat kost een pak melk tegenwoordig? Drie, vier euro? “Mag het ietsje méér zijn?” Misschien moeten wij mannen dáár wat vaker “nee” op durven verkopen?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 11 - Flashback
Piepers jassen, pannen ragen, als je leiding hebt gepest. Heel de troep is losgeslagen, maar de sfeer is opperbest. Laat je schaterlach weerklinken, in het groene kampgedruis. Zeven keer de zon zien zinken en dan moet je weer naar huis.
Tranen in mijn ogen van pure nostalgie als ik weer terugdenk aan het fantastische jeugdkamp waar ik gedurende een tiental jaren ben mee geweest. Vooral de liedjes, waarvan het bovenstaande een voorbeeld is, spoken regelmatig door mijn hoofd. Piepers jassen betekent “aardappelen schillen” terwijl “pannen ragen” niets anders betekent dan afwassen. Het heeft een paar jaar geduurd voor ik wist, wat ik vol overgave zong. Waarschijnlijk zal ik de liedjes in de toekomst nog wel eens hardop durven zingen, wanneer ik als dementerende bejaarde vanachter de geraniums naar mijn jeugd flashback.
Zingen bij het kampvuur, ontluikende pubertijd, je eerste zoen. Nooit zouden we elkaar uit het oog verliezen. Toen beklonken liefdes waren eeuwigdurend. Dát wisten we zeker. Bonzende harten, gierende zenuwen, gillende hormonen. Verkering, die door tussenpersonen werd geregeld alsof het de gewoonste zaak van de wereld was. Alles moest nu eenmaal snel, want we hadden maar een week! Niet nadenken; ja of nee en wel nu! Een uur niet gelachen, was een week niet geleefd. Vrienden waar je voor door het (kamp)vuur ging, ondanks dat je ze toch maar éénmaal per jaar zag. En dat terwijl we allemaal in dezelfde stad woonden. Het meisje waar ik jaarlijks minstens een maand van wakker lag, woonde drie straten verderop. Nooit zochten we elkaar tussentijds op. Raar genoeg kwam dat niet eens in ons op. Misschien wisten we onderbewust dat de sfeer van het kamp niet te evenaren was. En ach, het jaar erna gingen we gewoon door, met waar we het kamp ervoor waren gestopt.
School was eigenlijk een saaie overbruggingsperiode tussen twee kampen in. Het toeval wil, dat mijn school heel toepasselijk “De Brug” heette. Tien jaar, met een nauwelijks van samenstelling veranderende groep. De roes van het kamp duurde precies één dag langer dan het kamp zelf. Een dag, die vanwege het chronische slaapgebrek van de week ervoor, nauwelijks bewust beleefd werd. De laatste twee jaar mocht je naar de “tieners”. Het hoogst haalbare! Jaren keek je tegen die grote gasten op, en plotseling was je er zelf één. Een apart kampement, los van de A’tjes, B’tjes, C’tjes en de D’és. Gelimiteerd bier drinken en slap ouwehoeren. “Zeven keer de zon zien zinken en dan moet je weer naar huis”. Zucht…….
Deze flashback naar mijn jeugd kwam tijdens de Holland Koi Show. We zaten op de camping voor de tenten (on)gelimiteerd bier te drinken en slap te ouwehoeren. Op dát moment zag ik toch wel een aantal overeenkomsten met mijn jeugdkamp. Veel mensen zie je maar één week per jaar. Toch zijn de vriendschap, de saamhorigheid en het slaapgebrek groot. Zo mooi als het toen was, wordt het natuurlijk nooit meer….. Maar de sfeer op de camping rond de koidagen moét u éénmaal geproefd hebben. Kunnen we u alvast als vrijwilliger optekenen?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 10 - Rare jongens……
Hebt u wel eens geprobeerd om uw hobby uit te leggen aan iemand die totaal niets met vissen heeft? Vast wel. Hebt u toen ook voor uzelf de conclusie getrokken dat zoiets volslagen zinloos is? De enige vraag die gesteld wordt is of die goudvissen nu echt zo duur zijn, waarna u vervolgens meewarig wordt aangekeken, als u daar bevestigend op heeft geantwoord. Wat is dat toch eigenlijk raar. Een ander geeft een godsvermogen uit aan een zinloze auto-assesoires, een zeldzame fles wijn of van mijn part een flesje reukwater, een lappie stof of wat glittertjes. En komt daar probleemloos mee weg!
Ik, die in een oud wrak rijd, omdat ik nu eenmaal andere prioriteiten heb, wordt minimaal voor randdebiel, en in het ergste geval voor kapitalist uitgemaakt, vanwege die paar karpertjes in dat veel te kleine vijvertje. Tegenwoordig beantwoord ik de vraag wat die “beesten” nu eigenlijk kosten standaard met 25 euro. Dán nóg zijn er mensen die dat “best wel” duur vinden. “Haha, duur harinkje” en meer van die soort ludieke, oubollige standaardgrappen. “Smaken ze goed?”, vraagt men in de hoop me te shockeren. Pfff, alsof ik een paardengek pubermeisje ben, waaraan gevraagd wordt of ze paardenrookvlees ook zo lekker vindt. Om mij te shockeren is wel ietsjes meer nodig! Toch zijn we natuurlijk hartstikke lijp. Sterker nog, als ik er objectief over nadenk, vind ik het niets vreemd dat wij koihobbyisten niet voor vol worden aangezien.
Laatst vroeg iemand van het andere geslacht me in een diepgaand gesprek hoe mijn ultieme dag eruit zag. Natuurlijk had ik daar op moeten antwoorden, dat deze bestond uit een lange strandwandeling op een gure herfstdag, warme chocomel met slagroom in een romantisch strandtentje, gevolgd door een lekker etentje in een bistrootje en eindigend met een goed glas wijn bij de open haard. Maar nee hoor, eerlijk als ik ben gaf ik aan dat mijn ultieme dag bestaat uit het oogsten van een mudpound, ergens in de middle of nowhere, waarin ik tot mijn oksels in de bagger en omgeven door bijtgrage, vleesetende schildpadden, slijmerige padden en stekende waterinsecten en onder het slaken van opgewonden vreugdekreetjes de ene vis na de andere in een kinderbadje sta te scheppen.
U begrijpt dat het niets geworden is…..? Sorry hoor, maar op het moment dat ik mezelf hoor zeggen dat ik winkelen eigenlijk “best wel leuk” vindt, hoop ik dat er een haan drie keer zal kraaien om te herinneren dat ik op dát moment mezelf aan het verloochenen ben. Ik weet het, ik heb een ongeneeslijk probleem, ik ben Koi Kichi (koigek). NOU EN?!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 9 - Van de regen in de drup
Misschien is het u opgevallen dat ik vrij actief ben op de diverse koifora dat digitaal Nederland rijk is? U kunt daar werkelijk een schat aan informatie vinden. Toch moet u natuurlijk niet alle beweringen die daar worden gedaan als zoete koek slikken. Het is soms hemeltergend wat er soms door een kudde kwakzalvers aan “medicatie” wordt “voorgeschreven”.
De term alternatieve geneeswijze wordt wel erg letterlijk genomen. De ene pot gif is nog niet uitgewerkt of de volgende wordt er achterloos achteraan geflikkerd. Liefst een dubbele dosis en, hoewel het nergens vermeld staat, graag vergezeld van de nodige kilo’s zout. Ik dacht dat het doen van dierproeven aan strenge regels onderhevig was? Niets lijkt echter minder waar. Raar hè, dat er zoveel resistentie blijkt te bestaan tegen antibiotica? Soms krijg ik het idee dat met antibiotica wordt omgegaan als ware het december strooigoed.
Verkeerd en onzorgvuldig gebruik kan op termijn wel eens een serieus probleem voor de volksgezondheid gaan opleveren. U en ik kunnen daar letterlijk de dupe van worden. Dat lijkt vergezocht, maar er bestaan bacteriële en virale aandoeningen die van dier op mens kunnen overslaan (zoönose). Denkt u in dit kader maar eens aan de vogelgriep. Daarnaast komt het in zeldzame gevallen voor dat twee verschillende bacteriën genetisch materiaal uitwisselen, waardoor resistentie van vispathogenen kan overslaan op bacteriën die de mens bedreigen, en waar dus geen kruid meer tegen gewassen is. Dus, vooral géén specialist inschakelen, maar afgaan op de mening van de eerste de beste horrordokter die aan de hand van een vage omschrijving van het ziektebeeld, een loepzuivere diagnose kan stellen.
Hoe zou u het vinden wanneer u een chemokuur voorgeschreven zou krijgen, na een belletje met uw huisarts waarin u verteld dat uw neus verstopt zit? Theo van Bladel kwam enige tijd geleden uit de kast, door schoorvoetend toe te geven dat hij tijdens zijn vakantie een karper had genuttigd. Ik houd mijn hart vast waarmee hij nog meer uit de kast zal komen, maar dat terzijde. Gezien zijn spijtbetuigingen in het betreffende artikel kon ternauwernood worden voorkomen, dat koiminnend Nederland zijn boek “In de ban van koi” letterlijk in de ban zou gooien. Koren op de molen van kwaadwillende vogelaars. Zij zijn het schrikdraadbeleid rondom onze vijvers meer dan beu, en beraden zich over een nieuw boek: “In de pan van koi”. Hierin zullen enkele tientallen gerechten met de door ons zo aanbeden juwelen staan. Ik probeer tegengas te geven door te dreigen om met een boek “Wokken met Reigers” op de markt te komen.
Mocht u, als rechtgeaarde visliefhebber, toch gecharmeerd zijn van het idee om eens een koitje weg te happen, gebruik dan in godsnaam géén vis uit de hierboven door mij beschreven vijvers. U valt na enig hevig stuiptrekken en schuimbekken vrijwel direct dood neer ten gevolge van een acute kopervergiftiging, verbranding van de slokdarm en een geperforeerde maag. Ik hoor in gedachten enkele koiliefhebbers “net goed!” denken, maar laten we ons niet heiliger voordoen dan de Paus. Een harinkje happen we tenslotte ook moeiteloos naar binnen. Het mag trouwens een wonder heten, dat bij sommige koi de overlevingsdrang zo groot is, dat ze het nog zo lang uithouden.
Hoezo is koi een zwakke vis? Bikkels zijn het! Mocht de vis het uiteindelijk toch niet trekken, gooi hem dan niet in de biobak, maar geef hem mee met de plaatselijke chemokar. Moraal van het verhaal; Wees wijs en schakel bij problemen voor een paar tientjes een specialist in. De koi, en uiteindelijk ook de mensheid zullen u dankbaar zijn!
Koilum 8 - Overgereguleerd
Hebben wij teveel regeltjes in dit land? Ik durf daar volmondig “ja” op te antwoorden. Van alle kanten worden we betutteld met onnozele dingetjes. Half Nederland is bezig met het maken van regeltjes voor de andere helft. Je “hangt eraan” als je om vier uur ’s nachts op een uitgestorven, maar goed verlichte snelweg drie kilometer te hard rijdt, daar waar de snelheid van 120 terug is gebracht naar 30 kilometer per uur, omdat er mogelijkerwijs in de verre toekomst misschien wel eens wegwerkzaamheden gepland zijn in de vorm van het verwisselen van het lampje bij lantaarnpaal honderdenzeventien.
De matrixborden “70” gillen je tegemoet, zodra je vanuit het vrije Vlaanderen de Nederlandse grens passeert. Ondertussen loopt wel half TBS’end Nederland vormfoutvrij rond en rent veertig man als wezenloze achter een spookpoema op de Veluwe aan. Vlak bij mijn werk zijn ze bezig met het bouwen van tunnel. Natuurlijk loopt dat uit. De ene arbeider met de kruiwagen, die het eigenlijke werk moet doen, wordt systematisch in zijn nek gehijgd door een kudde ARBO-adviseurs, die beurtelings “rug recht!”, “vanuit de knieën tillen!” en “pauze!” roepen. Bovendien is hij 75% van zijn tijd kwijt met het voeren van functioneringsgesprekken, het aanhoren van peptalks en het bijwonen van cursussen “zelfsturing” en “effectief vergaderen”. Uiteindelijk verplaatst de man nog geen 20 kruiwagens zand in zijn actieve loopbaan. Ondertussen is 72 man in conclaaf over de kleur van de ventilatieroostertjes, in een complete demontabele flat, daar waar vroeger een gammele “Pipo de Clown” bouwkeet nog volstond.
Nog even en iedere gemeente heeft zijn eigen “koivijverwelstandstoetsingscommissaris”. Een zeer irritante persoonlijkheid die het gehele proces van uw vijverbouw begeleid. Met het verkrijgen van alle benodigde vergunningen is gemiddeld zeven jaar gemoeid. Iedere meter afvoerpijp gaat vergezeld met een stapel paperassen en handtekeningen van diverse bobo’s mogen niet ontbreken. Wekelijks dient u de exacte samenstelling van het afvalwater in vijfvoud door te faxen.
Uw vijver heeft drie nooduitgangen! Bij stroomuitval floept de in de bodem aangebrachte noodverlichting aan, welke de vis naar het dichtstbijzijnde noodbassin moet begeleiden. Dit dient driemaal per week geoefend te worden. De hypoallergene, luchtdoorlatende stoelen bij uw vijver moeten in alle standen verstelbaar zijn en u wordt onderricht in het blessurevrij werpen van voer in de vijver. Speciale waterbestendige helmpjes voorkomen dat uw koi “op de korrel” worden genomen. U vindt dat ik overdrijf? Nee hoor, ik schets slechts een beeld van de zeer nabije toekomst. Regelrecht naar de klote!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 7 - Miss Management
Op mijn werk zitten we momenteel midden in een reorganisatie van heb ik jou daar. Dat dit gepaard gaat met veel stress, onzekerheid, belangenverstrengelingen, likken naar boven, trappen naar beneden, ellebogenwerk en kont-tegen-de-krib reacties, hoef ik denk ik niet uit te leggen.
Bezin dus voor u aan de reorganisatie van uw vijver begint!
Nu bent u weliswaar zelf directeur en hoofd technische dienst van uw eigen vijver, maar vergeet niet dat de belangrijkste managementfuncties zoals personeelszaken, inkoop en esthetische zaken in handen van uw vrouw liggen. Daarnaast bent u behalve president-directeur ook gewoon grondarbeider, en zult u dus het gros van de uitvoerende taken zelf voor uw rekening moeten nemen. Maak dus niet de vergissing om vanuit uw rol als directeur in driedelig pak uw krater met grondwater in te springen.
Verreweg de zwaarste dobber krijgt u met het overtuigen van uw vrouw. Zij herinnert zich nog als de dag van gisteren de bouw van de oorspronkelijke vijver. Een in haar ogen te groot en te duur obstakel in de tuin. En nu wilt u uitbreiden? Gelukkig ken ik uw vrouw en zal enkele tips geven. Vanuit haar rol als hoofd personeelszaken zult u moeten aantonen dat er voldoende tijd overblijft om aan uw gezin te wijden. Een uitspraak als; “wie is toch die man die iedere zondag het vlees komt snijden” dient voorkomen te worden.
Vanuit haar rol als hoofd inkoop zult u zich ook financieel moeten verantwoorden. Hier staat u voor een dilemma. Het opgeven van een begroting die later hoger uitpakt kan funest zijn voor de sfeer. Natuurlijk doet ieder zichzelf respecterend bouwbedrijf het op deze manier. Een tweemaal langere doorlooptijd en een factor anderhalf hoger uitvallende kosten zijn eerder regel dan uitzondering. Maar of deze aanpak slim is? Voordeel is wel, dat er op het moment van budgetoverschrijding meestal geen weg meer terug is, waardoor de financiële tegenvaller uiteindelijk wordt geaccepteerd. In uw geval zou ik echter kiezen voor het ouderwetse handjeklap. Zet hoog in en verzin een paar posten, welke u helemaal niet nodig hebt. Laat haar even wennen aan het bedrag. Zak dan, door het langzaam en onder protest laten varen van de niet benodigde onderdelen langzaam naar het werkelijk benodigde budget.
U hebt uw zin en uw vrouw denkt geld te hebben bespaard. Praat onder geen beding over kosten als energie- en waterverbruik en probeer tegenvallers zo laconiek mogelijk over te brengen. Denk in potjes. Kleine potjes klinken vriendelijker en vormen opgeteld gewoon uw benodigde budget. Schuif zo vaak mogelijk met bedragen tussen de potjes. Maak het zo ondoorzichtig als mogelijk. Natuurlijk bent u eigenlijk veel te laat met uw verbouwingsplannen.
In de overgangsfase gulden/euro kon in uiterste nood altijd nog het valutateken worden aangepast. “Nee schat, ik had het over euro’s hoor”, ”ja best wennen hè dat omrekenen?”. Dan is er nog het esthetische aspect. Modderpoten op de vloerbedekking gaat ten koste van het gedoogbeleid. Rondslingerend gereedschap even opruimen verhoogd, ondanks alle spierpijn, de welwillendheid. ’s Avonds onderuit op de bank is fout. Wek de suggestie dat u door de vijverbouw vol energie en levenslust zit en neem uw vrouw mee uit eten. Tja, het is even doorbijten. Sterkte!
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 6 - Doctorandus Koi
Hoe meer ik leer, hoe meer ik weet, hoe meer ik weet, hoe meer ik vergeet, hoe meer ik vergeet, hoe minder ik weet, dus waarom zou ik leren?
Een rijmpje waar we vroeger dankbaar gebruik van maakten om de onzin van school aan te tonen. Toch lijkt het wel alsof dit rijmpje geschreven is voor koihobbyisten die graag een stapje verder willen gaan in het verwerven van kennis.
Ik ben zelf een persoon dat graag zoveel mogelijk kennis vergaart op mijn interessegebieden (koi, koi en koi). Ik realiseerde me pas hoe ver dat ging toen mijn zoon me “nerd” begon te noemen. Vroeger nam ik alles dat iemand, met maar een beetje autoriteit in de koiwereld, zei klakkeloos aan en papegaaide dat vrolijk door. Door figuren als mijn vroegere ik zijn er heel wat fabeltjes in koiland een eigen leven gaan leiden. Fabeltjes die zó hardnekkig zijn, dat ze nauwelijks meer zijn uit te roeien.
Op Discovery Channel is tegenwoordig een leuke serie genaamd “Myth Busters” aan de gang. Vrij vertaald betekent dat zoiets als het ontkrachten van fabeltjes. Twee compleet, maar prettig, gestoorde bollebozen testen allerlei fabeltjes en bakerpraatjes in de praktijk uit. Een droombaan!
Weet u wat er gebeurd wanneer u tegen het schrikdraad rond uw vijver plast? Niets! De vraag is waarom u dat zou willen. Maar goed, wie ben ik om uw fetisjistische gedrag te gaan beoordelen. Altijd al willen weten of een met een kanon afgeschoten ontdooide kip harder aankomt dan een bevroren exemplaar? Kijken! Deze gasten hebben zelfs het geheugen van een goudvis getest omdat het fabeltje gaat dat dit niet verder reikt dan drie seconden. Mooi dat die beesten na een week vlekkeloos een parcours aflegden naar de voerplek! Wie voelt zich geroepen om iets dergelijks op te zetten, specifiek toegespitst op onze hobby? Fabeltjes zat! Zeker genoeg voor drie jaargangen. Wat zal er veel onzin naar het rijk der fabelen worden verwezen.
Tegenwoordig neem ik dan ook geen genoegen meer met een niet beargumenteerd antwoord. Het waarom van het gegeven antwoord is voor mij nog belangrijker geworden dan het antwoord zelf. De ellende is alleen dat, wanneer ik het ene eindelijk begrijp, er direct twee nieuwe vragen voor in de plaats komen. Als dié dan weer beantwoord zijn, stroken ze weer niet met het eerste antwoord en roepen bovendien weer vier nieuwe vragen op.
Kunt u het nog volgen? Eigenlijk is de koihobby dus enorm gecompliceerd. Dit komt mede door de verschillende takken van sport die eraan te pas komen. Biologie, scheikunde, natuurkunde, wiskunde, techniek, diergeneeskunde. Het is allemaal vertegenwoordigd in deze ene hobby. Hoe meer ik leer, hoe minder ik weet. Een samenvatting van bovenstaand rijmpje, maar een waarheid als een koe. Ik ken een koihouder die zich nergens druk over maakt. Weet niets, kan niets, wil niets weten! Toch gaat het al jaren goed. De vraag wie van ons tweeën ‘s zomers nu meer geniet langs de vijverrand durf ik niet te beantwoorden, laat staan te beargumenteren.
Koilum 5 - Toverkollenpasta
Valt het u ook wel eens op dat er soms nogal geheimzinnig wordt gedaan over middeltjes op koigebied met spannende geheime ingrediënten? Soms lees ik nietszeggende bijsluiters met een hoog Harry Potter gehalte. Ellenlange lofbetuigingen over de heilzame werking van het betreffende middel. Wat de daadwerkelijk ingrediënten zijn en hoe het middel precies werkt vertelt het verhaal niet. Als je de bijsluiters mag geloven zijn de producenten zelf naar Japan afgereisd om daar op de blote knietjes de drooggevallen mudponds met een theelepeltje af te graven.
Vervolgens is een kudde Einsteins jarenlang opgesloten in een hi-tech laboratorium en na een ritje in de deeltjesversneller wordt het achtste wereldwonder met veel bombarie aangekondigd: Toverkollenpasta!
Nooit meer zieke vissen, glashelder water, einde draadalg, sprankelende kleuren en nog veel meer mooie beloftes. En verdomd, men krijgt bijval van mensen die beweren dat, na toediening van de pasta, alle vijverproblemen als sneeuw voor de zon zijn verdwenen. Totdat de werking wetenschappelijk is aangetoond wijd ik dat aan toeval, cq. zien wat je graag wil zien. Maar goed, Klazien “uut Zalk” is rijk geworden met uitspraken als “eet dagelijks drie paardebloemen ter bevordering van de stoelgang” en dat soort nonsens. Dat Nico Haak vrijwel direct omviel nadat hij zich leende voor de promotie van een heilzame armband vergeten we voor het gemak maar even. Gelukkig trapt u niet in al deze wondermiddeltjes en bent u al helemáál niet bijgelovig…Toch? Ik hoop echter wel dat u voor de bouw van uw vijver de locatie onderzocht hebt op de aanwezigheid van verkeerde aardstralen? En dat u bij volle maan drie keer met de klok mee om de vijver een regendans hebt uitgevoerd? Uw vijverwater is toch wel ingestraald? Bent u niet vergeten een glaasje saké in de vijver te gooien bij het vullen, om geluk af te dwingen? Wanneer u minder dan vier van de bovenstaande vragen met ja kunt beantwoorden, dan valt het met uw *kuch* bijgeloof nog wel mee…
Joop "GinRin" van Tol
Koilum 4 - Proletarisch vissen
Waar ik me vreselijk aan erger, is de alsmaar toenemende berichtgeving over koi die van de rechtmatige eigenaar worden ontvreemd. Dat moet je trouwens eens aan een Japanse kweker proberen uit te leggen. Die gasten hebben geen idee wat stelen is. Waarschijnlijk is er niet eens een Japans woord voor.
Waarom is het in de westerse wereld dan zo moeilijk om met je jatten van andermans spullen af te blijven? Is het omdat de hype over die extreem dure vissen wordt aangewakkerd door de media? De mythe dat koi alleen gehouden kunnen worden door Quote-500 genoteerden? Als er ook maar iets over koi op televisie getoond wordt, gaat het elf van de tien keer over de prijs. De vissen als zodanig zijn voor de gemiddelde journalist totaal niet interessant. Het prijskaartje, dáár draait het om.
Het enige doel is om de argeloze kijker zich te laten verkneukelen over de rug van “die lijpen”, die bereid zijn om astronomische bedragen neer te tellen voor een “lullig” visje. Nu is dit natuurlijk geen vrijbrief voor een gauwdief die denkt snel euro’s te kunnen scoren ten koste van een hardwerkende handelaar of gedreven hobbyist.
Veel potentiële proletarische proleten worden er echter wel door op een idee gebracht. Meestal heeft de jatmoos geen enkel benul van deze levende have en is de gestolen koi, door onzorgvuldig handelen, gedoemd te sterven. De eigenaar ongelukkig en de gapper geen cent rijker. Vervelend bijverschijnsel is dat bijna niemand meer een medehobbyist mee durft te nemen naar zijn zwaar beveiligde koiparadijs. Iedere goedbedoelde en geïnteresseerde koihouder wordt met argusogen aangekeken door zijn collegae.
Bijna niemand stelt zijn tuin nog beschikbaar voor regionale Koitrips, uit angst voor die éne rotte appel. Soms laat ik me verleiden te denken dat de betrapte penoze zwaar gestraft moet worden. Stenigen, kielhalen, handen afhakken, kaalscheren en tentoonstellen zijn dingen die dan in me opkomen. Gelukkig zijn we zo beschaafd dat dit soort barbaarse praktijken al lang tot het verleden behoren. Drong dié beschaving nu ook maar eens door tot deze respectloze asocialen.
Koilum 3 - Contradictio in terminis
Hé Joop, hoe is het met de visjes? Dit is een begroeting met een daaraan gekoppelde vraag die ik vaak te horen krijg. Hoe het met mij persoonlijk gaat is zeker niet interessant genoeg. Blijkbaar staat mijn hoofd synoniem voor koi. Redactielid van de koi blad, KVA-er, moderator van een koiforum, vrijwilliger op de Holland Koi Show en koitrips met vrienden. Niet zo gek dat men wel eens denkt dat ik alleen maar met die onderwatervarkens bezig ben.
Het is wel leuk dat je je zo voor de hobby inzet, maar je hebt nauwelijks vrije tijd om van je eigen vissen te genieten. Het bezoek aan mijn eigen vijver beperkt zich de laatste tijd dan ook meestal tot voeren en het noodzakelijke onderhoud. Eigenlijk weet ik het antwoord op de vraag hoe het met mijn vissen gaat niet eens.
Een beetje hetzelfde effect dat je krijgt als je bij een schilder thuis komt en overal afgebladderde verf aantreft, of een bouwvakker die zijn eigen huis maar niet afkrijgt. Misschien is het een idee om eens een artikel aan mijn eigen vijver te wijden. Een soort van “De vijver van Joop door Joop”. Op deze manier combineer ik het schrijven van een artikel met een bezoek aan mijn eigen vijver.
Je moet wel een beetje schizofreen zijn om je zelf te interviewen maar dat is voor mij geen enkel probleem. Soms krijg ik het gevoel dat het misschien een goed idee zou zijn om eens een paar weken in een ontwenningskliniek te gaan doorbrengen. Ik was van plan om professionele hulp in te schakelen totdat ik een overspannen kennis sprak. Hij kreeg van de psycholoog enkele tips om zich te ontspannen. Eén van deze tips was dat hij eens moest gaan vissen. Ze zien me al aankomen thuis!
Joop “GinRin” van Tol.
Koilum 2 - Evolutie versus traditie
Is het u ook opgevallen dat de kwaliteit van de koi de laatste jaren met sprongen vooruit is gegaan? Ik zag laatst een ongeveer vijfentwintig jaar oude foto van de toenmalige Japanse Grand Champion. Je zou er nu niet eens een blik op werpen als het dier nu in een gemiddelde verkoopbak bij het tuincentrum op de hoek rond zou zwemmen.
Dit gegeven maakt het, dat ik zo benieuwd ben naar hoe onze juwelen er over pakweg nog eens twintig jaar bij zullen zwemmen. Ik ben ervan overtuigd dat de “vooruitgang” alleen maar sneller zal gaan. Zeker nu we door genetische manipulatie in staat zijn om de “natuur” meer en meer naar eigen hand te zetten.
Perfecte Tancho’s waarvan de stip met een passer lijkt te zijn geplaatst. Utsuri’s met een wiskundig bepaalde vlakverdelingen. Koi in pasteltinten of koi die in het donker oplichten met neon reclameletters. Kameleonkoi die zich moeiteloos naar de stemming van het baasje kleuren. Zweefalg- en nitraatvretende koi. Koi met dubbele staarten die door een hoepeltje kunnen springen en luchtademende koi die je gerust een uurtje op schoot kunt nemen.
Waar houdt het op? De vraag is of het de hobby er leuker op maakt. Elke koi is per definitie een Tategoi, waarvan de ontwikkeling griezelig nauwkeurig vaststaat. Het gevaar van eenheidsworst loert om de hoek. Een unieke koi, mooi door zijn lelijkheid, vind je niet meer. Je kunt je alleen nog onderscheiden wanneer je een koi hebt van een nieuwe variëteit met een laag serienummer. Alle vissen in die variëteit zien er immers exact hetzelfde uit. Of denkt u dat het in het traditionele Japan niet zo’n vaart zal lopen?
Joop “GinRin” van Tol
Koilum 1 - Slavendrijver!
Ja, ik heb het tegen u.
Oh, u bent u zich van geen kwaad bewust? Ik verzeker u echter, wanneer u dit stukje heeft gelezen durft u uit schaamte het huis niet meer uit. U bent zeker het type dat kinderarbeid, mensenhandel en uitbuiting verafschuwt? U bent misschien zelfs tegen de legbatterij? Steek dan eerst de hand eens in eigen boezem!
Ik had liever gezegd dat u een slechte werkgever bent, maar aangezien u geen loon betaald is zelfs die kwalificatie nog te vriendelijk. Wat dat betreft is slavendrijver een term die veel beter bij u past. Hoe kunt u nou zo velen in dienst nemen onder dergelijke erbarmelijke omstandigheden? Geen daglicht, te klein behuisd, lange dagen en eenzijdige voeding. Ze werken zich kapot en omdat ze niet beter weten maakt u daar schaamteloos en zonder enige gewetenswroeging misbruik van.
Van een Collectieve Arbeidsovereenkomst hebben ze nog nooit gehoord, laat staan van ADV, RSI en partnerpensioen. Af en toe een uurtje pauze kan er zeker niet af? Even luchten gewoon onder werktijd hè? Stel dat de productiviteit er eens onder zou leiden! Een beetje waardering of een vriendelijk woord hoeven ze van u niet te verwachten. Een koude douche met de tuinslang kunnen ze krijgen.
Durft u wel, tegen die kleintjes? Bah!
Joop “GinRin” van Tol. Initiator A4B (A for B) (Actiecomité arbeidsverbetering afvalstoffen afbrekende Bacteriën).